arbeidsmediation

Loslaten en excuses

In de aanloop naar een arbeids- of zakelijk conflict zijn er vaak dingen gezegd, gedaan of juist niet gezegd of gedaan die – tenminste in de ogen van één van de betrokkenen – een excuus noodzakelijk maken. Soms wordt een spijtbetuiging zelfs als harde eis gesteld. Zonder sorry kan er niet over andere onderwerpen gesproken worden. En dat is een lastige. Want als sorry-zeggen móet, is het dan ook een écht gemeend excuus? Wat doe je als iemand jou wel hoort en ziet maar toch niet vindt dat hij of zij ergens schuldig aan is?

Pijn
Als je al langere tijd aangedaan bent door een incident of arbeidsconflict – of een beetje van allebei – dan sta je (vaak) op en ga je naar bed met pijn. Fysieke pijn, van gespannen spieren, migraine of mentale pijn, van afwijzing, ergens niet meer bij horen, en soms schaamte dat je thuis zit.
Terugkijkend denk je dat dat thuiszitten misschien wel te voorkomen was geweest. Het had niet zover hoeven komen. Dat besef is een pijnlijk gegeven. De tijd draai je niet terug. En in de maanden die er sindsdien verstreken zijn, is de onderlinge relatie vaak nog verder onder druk komen staan.

Via via
Als de communicatie dan ook nog via tussenpersonen gaat verlopen, is het wederzijdse begrip vaak ver te zoeken. Soms lijkt het logisch dat de communicatie via derden gaat lopen, bijv. een privacyproof-verslag van de bedrijfsarts of formele uitwisseling van een visie op reïntegratieverplichtingen door betrokken juristen/HR. En toch is het gevolg vaak verharding en verdere verwijdering. Niet voor niets luidt het gezegde: Uit het oog, uit het hart.

Overleven
Een logisch gevolg van conflict en spanning is dat je brein in stand ‘overleven in crisis’ gaat. Daarin worden keuzes en situaties, onder invloed van stresshormonen steeds zwart/witter.
In mediation zoeken we naar ruimte. Ruimte voor twee verhalen, en meer grijstinten. Naar écht luisteren. Dat kan heel veel opleveren, zo blijkt bijv. uit deze TedX talk over communicatie door professor William Ury van Harvard University.

Oké, er wordt geluisterd, en dan?
De mediation start met twee verhalen. Het kan zijn dat jullie het vervolgens eens worden over de gang van zaken in het verleden. Soms blijft het ook bij twee visies over hoe jullie tegen over elkaar zijn komen te staan.

En dan is de grote vraag, hoe komen jullie uit de impasse?

Wat is er nodig én mogelijk om weer vooruit te gaan?

Een eerste mediation-sessie gaat vaak over pijn, boosheid en teleurstelling. Maar na die eerste verkenning groeit vaak de wens om weer in beweging te komen. Om daadwerkelijk te gaan praten over oplossingen.
Dan kan zo’n oorspronkelijke eis van éxcuus de voortgang in de weg zitten.
Als mediator zullen we niemand dwingen om afstand te nemen van iets dat wezenlijk belangrijk wás.
Tegelijkertijd durven we wel – soms in een één op één moment – te vragen wat er voor straks wezenlijk belangrijk ís.

Aandacht helpt loslaten

Vaak blijkt dan dat het feit dat er in een rustige situatie aandacht is geweest voor het verhaal van pijn, schaamte, frustratie en verlies genoeg is om dat wat was los te laten. Het is gezien, en daarmee niet langer ontkend. Daardoor kan weer concreet gesproken worden over de toekomst. De spierpijn en kaakkramp verdwijnen en er gaat er weer energie stromen.

Dat kantelpunt – in de veilige ruimte en de aandacht in een mediationtraject – gunnen wij iedereen in conflict.

Herkenbaar?
Zit jij al een tijdje vast in een professionele relatie die niet meer werkt? Is er sprake van ziekte of dreigend verzuim of gewoon heel veel spanning door dreigend conflict? Zoek jij naar oprechte excuses?

Kom in actie voordat er meer stuk is dan je lief is. Daar kunnen wij je op verschillende manieren bij ondersteunen.  Neem gerust contact met ons op of lees hier eerst meer over onze diensten.

• Conflictcoaching
• Dialoogbegeleiding
• Arbeidsmediation

website rijksoverheid

De gevolgen van de WAB – overzicht voor arbeidsmediators

Onze stagiaire Aniek Bakker is afgestudeerd jurist en heeft de afgelopen weken voor ons de gevolgen van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) voor de arbeidsmediationpraktijk op een rijtje gezet. Net als vele arbeidsrechtadvocaten zijn wij heel benieuwd wat deze relatief snelle en grote aanpassingen in de wet, de inkt van de voorganger  Wet Werk en Zekerheid (WWZ) heeft amper tijd gehad om te drogen, voor effect zal hebben in de praktijk.

Brengt deze wet de zo gewenste helderheid en dus minder conflict? Of zal deze wet, net als elke wet, maar voor een klein deel van de werkgevers en werknemers uitsluitsel geven, en blijft stevig onderhandelen en goed in gesprek blijven het devies om de relatie gezond te houden?

Als gespecialiseerde mediators (en juristen) zien wij dat de juridische weg vaak niet de meest effectieve weg is om een relatie constructief en effectief te onderhouden én, indien nodig, te beëindigen. Wij hopen dat naast de aandacht voor de WAB ook nut en noodzaak van mediation in arbeidsrelaties steeds meer gemeengoed zal worden.

We gaan het zien het komende jaar! En dan nu, het overzicht van de aankomende veranderingen door Aniek Bakker.

De Wet Arbeidsmarkt in Balans
Aandachtspunten voor de arbeidsmediator

De regels rond arbeidscontracten en ontslag gaan veranderen per 1 januari 2020. Straks geldt niet langer de Wet Werk en Zekerheid (WWZ), maar de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB). De WAB moet vaste contracten aantrekkelijker maken voor werkgevers en flexibele arbeid meer zekerheid bieden. De kloof tussen vaste contracten en flexibele contracten zal hierdoor minder groot worden. Zo gaat de WW-premie voor werknemers met een vast contract omlaag, wordt een nieuwe ontslaggrond geïntroduceerd, verandert de berekening van de transitievergoeding en wordt de ketenregeling aangepast. Daarnaast verandert de positie van de payrollwerknemers en de oproepkrachten. Deze maatregelen zijn dwingend van aard en daarom ook leidend bij het opstellen van een vaststellingsovereenkomst in een exit-mediation. Wat betekent de invoering van de WAB voor de mediation-praktijk? Een arbeidsmediator hoeft de WAB niet volledig in de vingers te hebben, maar het is wel van belang om bekend te zijn met de belangrijkste veranderingen en het daarbij behorende jargon. In deze bijdrage zullen we daarom stilstaan bij deze veranderingen en de vermoedelijke effecten hiervan in exit-mediations.

De transitievergoeding
De werkgever is de werknemer een transitievergoeding verschuldigd in het geval dat de werkgever het arbeidscontract opzegt. De werknemer heeft voortaan recht op transitievergoeding vanaf de eerste werkdag (dus ook tijdens de proeftijd). De werknemer krijgt straks voor elk dienstjaar 1/3 maandsalaris. Voor het resterende deel geldt de formule: (bruto salaris ontvangen over resterende deel arbeidsovereenkomst / bruto maandsalaris) x (1/3 bruto maandsalaris /12). De opbouw van de transitievergoeding is gelijk voor alle werknemers ongeacht hun leeftijd, soort dienstverband of de duur van het dienstverband.
Het wordt vanaf 1 januari goedkoper om vijftigplussers en werknemers met een dienstverband langer dan tien jaar te ontslaan (en wellicht aantrekkelijker om vijftigplussers aan te nemen). Onder de WWZ kregen deze werknemers namelijk een transitievergoeding die opgebouwd is uit één maandsalaris per dienstjaar.

N.B.: let op, het staat partijen die onderhandelen over een ontslagvergoeding als onderdeel van een vaststellingsovereenkomst met wederzijds goedvinden vrij om af te wijken van deze berekening.

De cumulatiegrond of i-grond
Het Nederlandse ontslagrecht kent momenteel acht wettelijke ontslaggronden. Deze zijn limitatief. De acht ontslaggronden zijn:
– bedrijfseconomisch ontslag (a-grond)
– langdurige arbeidsongeschiktheid (b-grond)
– frequent ziekteverzuim (c-grond)
– disfunctioneren (d-grond)
– verwijtbaar handelen of nalaten (e-grond)
– werkweigering wegens gewetensbezwaar (f-grond)
– verstoorde arbeidsverhouding (g-grond)
– ontslag wegens een restgrond (h-grond)

In het ontslagrecht zijn twee routes mogelijk: ontslag via het UWV of ontslag via de kantonrechter. De route loopt via het UWV in het geval dat sprake is van ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid of bedrijfseconomisch ontslag. De kantonrechter spreekt zich uit over de overige gronden. Vanaf 1 januari kan de kantonrechter op grond van de door de WAB geïntroduceerde i-grond of cumulatiegrond twee of meerdere ontslaggronden combineren. De kantonrechter kan een extra vergoeding naast de transitievergoeding toekennen indien het arbeidscontract beëindigd wordt volgens de cumulatiegrond. Deze extra vergoeding is maximaal vijftig procent van de transitievergoeding. Het wordt interessant om te zien hoe deze cumulatiegrond in de praktijk zal uitwerken. Wordt de gang naar de rechter hierdoor
aantrekkelijker? Gaat de discussie over de i-grond meespelen in de discussie over ontslagvergoedingen bij exit-mediations?

De WW-premie
Het moet voor werkgevers aantrekkelijker worden om meer werknemers een vast contract aan te bieden. De werkgever betaalt daarom vanaf 1 januari 2020 een lage WW-premie voor werknemers met een vast contract en een hoge WW-premie voor werknemers met een flexibel contract (alle andere dienstverbanden anders dan het dienstverband voor onbepaalde tijd).

De ketenbepaling
De ketenbepaling bepaalt wanneer elkaar opeenvolgende tijdelijke arbeidscontracten overgaan in een vast contract. Vanaf 1 januari 2020 kunnen werkgever en werknemer drie tijdelijke contracten in maximaal drie (nu twee jaar) aangaan. Het vierde contract is dan een vast contract. De pauze tussen de contracten blijft maximaal zes maanden. Bij tijdelijk terugkerend werk dat maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan geldt een maximum van drie maanden. De CAO mag in het voordeel van de werknemer afwijken van de ketenbepaling.

De positie van payrollwerknemers of uitzendkrachten
Een payrollwerknemer of uitzendkracht is in dienst van het payroll- of uitzendbedrijf, maar werkzaam bij een ander bedrijf (de inlener). Vanaf 1 januari 2020 krijgt de payrollwerknemer of de uitzendkracht dezelfde rechtspositie en arbeidsvoorwaarden als werknemers die in dienst zijn bij het bedrijf. In het geval dat het bedrijf geen mensen in dienst heeft en alleen werknemers inleent, gelden vergelijkbare arbeidsvoorwaarden van de desbetreffende sector.

Oproepovereenkomsten
Een oproepovereenkomst wordt in de wet gedefinieerd als een overeenkomst waarbij 1) de omvang van de arbeid niet is vastgelegd als één aantal uren per tijdseenheid van ten hoogste een maand of ten hoogste een jaar en het recht op loon van de werknemer gelijkmatig is gespreid over die tijdseenheid of 2) de werknemer geen recht heeft op het naar haar tijdruimte vastgestelde loon als hij niet gewerkt heeft. Ingevolgde de WAB moet een werkgever de werknemer met een oproepovereenkomst minimaal vier dagen van te voren oproepen (in de CAO mag van dit minimum afgeweken worden). De werknemer is verplicht om te reageren op deze oproep en indien de oproep binnen deze vier dagen wordt ingetrokken of gewijzigd, heeft de werknemer recht op loon voor de uren waar hij in eerste instantie voor was opgeroepen. Daarnaast moet de werkgever de oproepkracht met één jaar dienstverband een aanbod doen tot arbeidsovereenkomst met het gemiddeld aantal gewerkte uren van het voorgaande jaar. Indien de werkgever dit nalaat heeft de oproepkracht recht op loon over het gemiddeld aantal uren.

Gevolgen van de WAB in mediation / exit-onderhandelingen
We weten inmiddels welke wetswijzigingen de WAB met zich meebrengt, maar het is nog afwachten hoe de praktijk er uit gaat zien.

Is de WAB een voedingsbodem voor conflict of zorgt deze juist voor minder conflict door verduidelijking van de wetgeving ten opzichte van de WWZ?

Minder discussie over vertrekpremie?

De berekening van de transitievergoeding op grond van de WAB is in ieder geval helder en zal naar verwachting niet leiden tot extra conflict en daardoor meer mediations. Het lijkt een gevalletje ‘pech’ voor de werknemer indien de werkgever het arbeidscontract in 2020 beëindigt en niet in 2019. In het eerste jaar na de invoering van de WWZ waren werkgevers nog wel eens bereid om de voordelen uit het oude systeem te gebruiken bij de beëindiging van het arbeidscontract indien de werknemer akkoord ging met ontslag met wederzijds goedvinden. Het is mogelijk dat dit ook gebeurt na de invoering van de WAB.

De werkgever kan de berekening van de transitievergoeding op grond van de WWZ gebruiken om het voor de werknemer aantrekkelijker te maken om te vertrekken.

In mediation nemen partijen de hoogte van wettelijke transitievergoeding vaak als startpunt bij de onderhandeling over een vertrekvergoeding. Bij een ontslag met wederzijds goedvinden kan echter vrijelijk worden afgeweken van de wettelijke transitievergoeding.

Flex meer vast en dan?

En hoe zit het met de oproepkrachten? Zullen we straks meer werknemers met een flexibel contract treffen aan de mediationtafel?

De werkgever is straks door de WAB aan meer regels gebonden. Hierdoor zijn oproepovereenkomsten minder flexibel. Een oproepovereenkomst kan na één jaar vervangen worden door een tijdelijk arbeidscontract. In geval van verzuim en/of conflict is het voor de werkgever een kwestie van wachten tot het tijdelijke arbeidscontract afloopt. De kosten van mediation zullen voor werkgever in veel gevallen niet direct opwegen tegen de baten, dat neemt niet weg dat de re-integratie-verplichting wel blijft bestaan in geval van verzuim.

Minder mediaten door cumulatiegrond?

Ook rijst de vraag of werkgevers weer sneller een ontbindingsverzoek zullen indienen door de toegevoegde cumulatiegrond. Onder de WWZ werd een ontbindingsverzoek alleen goedgekeurd indien één van de aangedragen ontslaggronden volledig vervuld was. Voor werkgevers was het indienen van een ontbindingsverzoek een risicovolle onderneming, want de kans op succes was klein. Na de invoering van de WWZ zagen we zowel een stijging in het aantal afgewezen ontbindingsverzoeken (voor WWZ 9%, na WWZ 36%) als een daling in het aantal ingediende ontbindingsverzoeken.

De route naar ontslag ten tijde van de WWZ was veelal via beëindigingsovereenkomsten, wat volgens veel arbeidsmediators tot een toename van het aantal mediationtrajecten leidde.

Door de invoering van de WAB kan de kantonrechter straks twee of meerdere ontslaggronden combineren en dit zou ontslag eenvoudiger moeten maken. Betekent dit dat de werkgever weer eerder de ontslagroute via de kantonrechter kiest? Ontslag via de kantonrechter wordt wellicht eenvoudiger door de invoering van de WAB.

Maar!

Mediation heeft meer voordelen dan de gang naar de (kanton-)rechter! In mediation hebben partijen zelf invloed op de oplossing van het geschil en zijn zij niet overgelaten aan het oordeel van de kantonrechter. Vaak kunnen werkgever en werknemer binnen een week terecht aan tafel bij de mediator en is een traject binnen vier tot zes weken afgerond, voor de helft van de tijd en kosten die gemoeid zijn bij een juridische procedure.
Ook preventieve inzet van mediation biedt een kansen om spanning tussen werkgever en werknemer vroegtijdig uit de lucht te halen. Mediation is niet verplicht, maar kan een uitstekende basis bieden om de arbeidsverhouding tussen werknemer en werkgever duurzaam te herstellen, zodat de stap naar de kantonrechter geen ‘moeten’ meer is.

Kortom: de nieuwe wetswijzigingen hebben de nodige gevolgen voor werkgevers en werknemers, de voordelen van mediation in arbeidszaken blijven onveranderd groot!

Door: Aniek Bakker, jurist en stagiaire bij Mediation Amsterdam

psychisch verzuim bijeenkomst

Complexe regelgeving: relatie tussen werkgever en werknemer bij ziekte raakt compleet verziekt  

Terugblik op de kennisbijeenkomst (psychisch) verzuim en conflict op de werkvloer

auteur: Aniek Bakker, stagiair bij Mediation Amsterdam

Op woensdag 16 oktober jl. verwelkomden wij tijdens ‘Week van de Mediation’ een gevarieerde groep professionals in de Verbroederij in Amsterdam.  Ons gezamenlijke doel: sparren over het spanningsveld rondom (psychisch) verzuim, regelgeving en conflict op de werkvloer. Onder de aanwezigen bevonden zich onder meer bedrijfsartsen, arbeidsrechtadvocaten, vertrouwenspersonen en HR-professionals. De middag werd afgetrapt met twee interessante paneldiscussies over doorbetalen tijdens ziekte en de noodzaak van extern advies bij verzuim en conflict. Barend van Luyn, Frederique van de Laar, Jaap Dogger, Liane van de Vrugt, Madelon Flint, Rudy van Leusden, Erik Sprong en Tabitha van den Berg deelden hun visie op deze twee onderwerpen en de relatie tussen conflict en (psychisch) verzuim. Vervolgens werd iedereen uitgenodigd om deel te nemen aan één van de vier rondetafelgesprekken, elk met een andere stelling. Vanuit een interdisciplinaire invalshoek werden hier de best practices en valkuilen met elkaar gedeeld. In dit artikel  worden de belangrijkste uitkomsten van deze middag gedeeld. Zo werd onder meer de rol van de bedrijfsarts op grond van de nieuwe NVAB-richtlijn Conflicten in de werksituatie onder de loep genomen en werd gediscussieerd over de vraag of een burn-out überhaupt een ziekte is.

Doorbetalen tijdens ziekte: een strop om de nek van werkgevers

De eerste paneldiscussie ging over de stelling ‘Nederland is kampioen doorbetalen tijdens ziekte: dit zet de relatie tussen werkgever en werknemer onder hoogspanning’. De panelleden waren het met deze stelling eens. In geen land betaalt de werkgever het loon van een zieke werknemer zo lang door als in Nederland.[1] De hoge kosten die gemoeid gaan met verzuim (en conflict) kunnen de relatie tussen werkgever en werknemer verharden.[2] Vooral MKB-ers die de verzuimregeling niet goed hebben geregeld worden geraakt door deze kosten. Dit kan bij een werkgever veel spanning en boosheid veroorzaken, die vervolgens wordt afgereageerd op de werknemer. Het doorbetalen van loon kan ook ruimte bieden aan zowel de werkgever en werknemer. De werknemer heeft tijd om te herstellen en in geval van conflict, het geeft het partijen de ruimte om af te koelen en indien herstel van de relatie niet meer mogelijk blijkt, tot een goede vaststellingsovereenkomst te komen.

Het toepassen van de STECR-richtlijn kan in een casus volgens de panelleden bijdragen aan het verbeteren van de verstandhouding tussen werkgever en werknemer. Zij moeten het probleem namelijk samen oplossen en de werknemer beland niet (blijvend) in de Ziektewet. In de praktijk lijkt het er op dat bedrijfsartsen grote weerstand hebben om de STECR-richtlijn en met name de afkoelperiode toe te passen zoals deze oorspronkelijk is bedoeld. Het zou voor bedrijfsartsen makkelijker zijn om een werknemer arbeidsongeschikt te verklaren, omdat de bedrijfsarts dan zelf de touwtjes in handen houdt.

Burn-out en overspannenheid geen ziekte?

In de tweede paneldiscussie werd de stelling ‘Verzuim en conflict is zo complex geregeld in Nederland, zonder extern advies zijn partijen nergens’ besproken. De panelleden waren het eens met deze stelling. Over de invulling van de rol van de bedrijfsarts waren de meningen verdeeld. Een aanwezige bedrijfsarts stelde dat hij in zijn rol als bedrijfsarts in eerste instantie moet beoordelen of de werknemer arbeidsongeschikt is wegens ziekte en of sprake is van een arbeidsconflict. Indien de werknemer psychische klachten heeft, zoals overspannenheid of een burn-out, dan valt dit ook onder de noemer ‘ziekte’. Is naast de ziekte sprake van een arbeidsconflict, dan moet de bedrijfsarts onderzoeken hoe dit conflict in elkaar zit. In de crisisfase van een conflict is het aannemelijk dat een werknemer niet helder kan denken en handelen en om deze reden heeft de werknemer eerst tijd nodig om te herstellen voordat werknemer in gesprek kan gaan met werkgever over het conflict. Het is vervolgens aan de bedrijfsarts om te beoordelen wanneer werknemer voldoende hersteld is om in gesprek te gaan. En hier kwam direct een controverse uit het veld naar boven. Een ander panellid stelde daarop dat een bedrijfsarts een werknemer met een burn-out of overspannenheid niet arbeidsongeschikt kan verklaren wegens ziekte, omdat een burn-out en overspannenheid niet opgenomen zijn in het DSM-5 en de ziektebeelden daarom geen medisch objectiveerbare redenen hebben.[3] Het panellid betoogde dat het traject van een werknemer met een burn-out of overspannenheid niet valt onder de Wet Poortwachter, maar dat een ander traject moet volgen, namelijk een traject waarin met behulp van verschillende expertises gekeken wordt naar een betere balans tussen werk en privé. Volgens de aanwezige bedrijfsartsen in deze paneldiscussie klopt het niet dat een burn-out of overspannenheid geen ‘ziekte’ is. De bedrijfsarts baseert zijn diagnose namelijk niet op de DSM-5, omdat dit geen diagnostisch handboek is. Het stellen van een dergelijke diagnose gebeurt volgens de daarvoor geldende richtlijnen: de Landelijke Eerstelijns Samenwerkingsafspraken (LESA’s).[4] Is het een valkuil voor de betrokken professionals dat zij geen consensus hebben over deze kwestie? En wat betekent dit voor de relatie werkgever en werknemer bij verzuim? Dit onderwerp verdient nader onderzoek!

De bedrijfsarts als bemiddelaar?

Vervolgens werd de vernieuwde rol van de bedrijfsarts op grond van de nieuwe NVAB-richtlijn Conflicten in de werksituatie besproken.[5] De bedrijfsarts moet ingevolge de NVAB-richtlijn zowel de medische- als de conflictdiagnostiek vaststellen. Zo dient de bedrijfsarts te beoordelen welk soort conflict het betreft, in welke fase van escalatie het conflict zich bevindt, wat de conflictmanagementstijl van partijen is en of voorspellers van de afloop van het conflict aanwezig zijn. Om deze vaardigheden onder de knie te krijgen moet de bedrijfsarts een training conflictmanagement of conflicthantering volgen stelt de werkwijzer. Een panellid reageert daarop met de visie dat het niet bij de rol van de bedrijfsarts past om te bemiddelen in conflict of om zich uit te laten over interventieperiodes. De korte tijd die de bedrijfsarts heeft met de werknemer (vaak een afspraak van dertig minuten) kan beter besteed worden aan medische diagnostiek. Over de invulling van de nieuwe rol van de bedrijfsarts was in deze paneldiscussie geen overeenstemming. Leveren deze verschillende visies over de rol van de bedrijfsarts een valkuil op voor de betrokken professionals? En komt de relatie werknemer-werkgever daardoor onder hoogspanning te staan? Food for thought.

In het rondetafelgesprek met de stelling ‘Wat een aanstellerij? Burn-out wordt vaak onderschat’ kwam op tafel dat een burn-out een containerbegrip is geworden voor allerlei vormen van psychisch verzuim. Ook in deze discussie was men het niet eens of een burn-out als ziekte kan worden bestempeld, maar onder de aanwezigen was wel consensus dat iemand arbeidsongeschikt kan zijn door een burn-out. Besproken werd vervolgens hoe dit psychisch verzuim te voorkomen. Hierbij werden vier best practices genoemd, namelijk:

– sneller en liefst eerder ingrijpen bij een (sluimerende) conflictsituatie kan psychisch verzuim voorkomen.

– managers moeten meer vaardigheden aangereikt krijgen om deze conflictsituaties te herkennen.

– signalen voorafgaand aan volledige uitval, zoals een patroon van meerdere korte ziekmeldingen, moeten opgepakt worden.

– preventieve consulten door arbodienst en/of bedrijfsarts kunnen helpen signalen eerder op te pikken (dit is eenvoudiger te realiseren als de organisatie beschikt over een interne arbodienst of een bedrijfsarts).

Tot slot pleiten de aanwezigen voor een afspraak bij de bedrijfsarts op dag één of twee na de ziekmelding als sprake is of vermoeden van een conflictsituatie. Werkgevers laten een kans liggen als zij pas in week zes van het verzuim een externe hulp van bijvoorbeeld een mediator inschakelen. Tegen de tijd dat men uiteindelijk bij de mediator zit er al te veel gebeurd en zijn de verhoudingen verder verslechterd. Dan is de uitkomst vaak een exit of bij re-integratie een voorkeur voor outplacement/tweede spoor, terwijl er in een eerder stadium veel meer winst voor beide partijen te behalen was geweest.

Alleen de mening van de bedrijfsarts doet er toe…

In het rondetafelgesprek met de stelling ‘Iedereen heeft een mening, maar alleen die van de bedrijfsarts telt’ werd met name door de aanwezige arbeidsrechtadvocaten betoogd dat het de efficiëntie ten goede zou komen indien de bedrijfsarts meer stelling durft te nemen in zijn advies omtrent arbeids(on)geschiktheid richting de werkgever, de werknemer en hun juridische adviseurs. De aanwezige arbeidsrechtadvocaten die een werknemer-cliënt bijstonden, zouden met enige regelmaat aan de lijn hangen met de bedrijfsarts om verduidelijking te vragen aangaande het advies, omdat het advies van de bedrijfsarts soms onduidelijk of zelfs ‘vaag’ zou zijn, er zou zoiets bestaan als ‘bedrijfsartsenproza’. Als best practice voor advocaten werd geadviseerd: formuleer voor werkgevers-cliënt of werknemers-cliënt een duidelijke vraag aan de bedrijfsarts.

(Financiële) problemen bij re-integratie

Bij het rondetafelgesprek over de stelling ‘Werkgever en werknemer opgelet: werkt de ander niet mee aan de re-integratie, dan moet men gelijk overgaan tot sancties’ ging de discussie voornamelijk over de problemen bij het daadwerkelijk uitvoeren van het beleid. Door moeilijkheden bij de te zetten stappen riskeert men echter wel sancties. Veel inefficiëntie is zichtbaar, zoals het soms redelijk laat reageren van de bedrijfsarts, specialist of een gebrek aan coördinatie indien meerdere disciplines betrokken zijn bij één geval. Daar valt zeker nog wat te winnen. De vraag of het voor de kleine MKB’er lastiger is dan voor een grote werkgever om de juiste stappen tijdig te zetten werd door de praktijkervaring van aanwezigen negatief beantwoord. Ook voor grote bedrijven is het lastig. Vaak staat HR op afstand van de leidinggevende, die bovendien  – alhoewel direct betrokkene – niet mag worden geïnformeerd. Voor MKB’ers is daarnaast de kostenpost soms een grote drempel, maar desondanks verzekeren veel MKB’ers zich toch niet tegen ziekteverzuim. De premies zijn hoog en gaan na een aanspraak op de verzekering nog eens stevig omhoog. Het ziekteverzuim ligt bij het MKB’ers overigens één procent lager dan bij het gemiddelde grootbedrijf, namelijk 3,8%.[6] Voor de begeleiding van zieke werknemers kan het MKB op externe diensten een beroep doen, dus daarin zijn zij niet achtergesteld bij grote bedrijven die dit (eventueel) intern regelen.

Risico’s bij mediation

De stelling ‘Met deelname aan mediation heb je niets te verliezen’ is volgens de aanwezigen van dit rondetafelgesprek onjuist. Hoewel de meeste mensen wel degelijk veel te halen hebben bij een open, eerlijke dialoog onder deskundige begeleiding, kleven er ook risico’s aan mediation. Zo werd genoemd dat:

– een mislukte mediation extra munitie kan opleveren en partijen ervan kan overtuigen dat het conflict muur- en muurvast zit. Hierdoor kunnen de betrokken partijen de hoop verliezen en ligt verdere escalatie van het conflict op de loer.

– een mislukte mediation in een juridisch proces ingezet kan worden als ‘bewijs’ dat sprake is van een verstoorde arbeidsrelatie (hoewel meer nodig is dan alleen een mislukte mediation). Mediation kan dus strategisch ingezet worden zonder oprecht commitment door één of meerdere partijen.

– mediation (b)lijkt soms een doos van Pandora: door te beginnen met praten over iets dat nu dwars zit kunnen ook eerdere frustraties en verwijten op tafel. Pijn en boosheid die anders misschien met de tijd waren afgezwakt, maar nu in volle heftigheid zichtbaar worden en het  extra conflict op scherp zetten.

– de mediator (en vooral de verwijzende bedrijfsarts) moet alert zijn op contra-indicaties, zoals een zware depressie, minimaal commitment en andersoortig basisgedrag in communicatie door onderliggend persoonlijkheidsstoornis. De mediator moet in ieder geval voldoende deskundig zijn om te voorkomen dat de gesprekken de situatie of de relatie door onderliggende problematiek verder verslechteren.

In dit rondetafelgesprek werd verder nog als best practice genoemd: een werkgever is ‘gek’ als hij niet zelf psychische hulp inschakelt voor zijn werknemer indien dat het advies is van de bedrijfsarts. Een goede arbeidspsycholoog kan snel aan de slag met werk-gerelateerde klachten. Stuur je de werknemer zelf naar de huisarts – praktijkondersteuner – GGZ, dan kan het door wachtlijsten maanden duren voordat specialistische hulp komt en in de tussentijd gaat de werknemer alleen maar verder achteruit. In de tussentijd groeit de drempel om weer terug op de werkvloer te keren.

Afsluiting

De middag eindigde met een gezellige borrel waarin wel bleek hoe zeer de onderwerpen bij iedereen leefden. Het bleek van grote waarde en wellicht zelfs noodzaak om vaker samen met andere professionals te sparren en na te denken over oplossingen. Het verzuim en daarmee de verzuimkosten blijven namelijk oplopen, inmiddels tot 2,8 miljard euro op jaarbasis becijferde het CBS afgelopen maand. Terwijl de betrokken professionals er soms totaal andere visies op nahouden wat de meeste effectieve manier is om mensen te begeleiden. Is dat functioneel? Zo werd deze middag duidelijk dat er nog geen consensus is over of burn-out en overspannenheid een ziekte is. Leidt het tot een impasse als betrokken professionals hierover discussie hebben? Voor de werknemer  maakt het in feite niet uit of zijn of haar klachten als een formele ‘ziekte’ kan worden bestempeld, want de klachten zijn er en het gevolg is arbeidsongeschiktheid. Verder kwam naar voren dat aanwezigen meer vragen dan antwoorden hebben met betrekking tot de staat van de nieuwe NVAB-richtlijn en de daarbij behorende vernieuwde rol van de bedrijfsarts. Moet een bedrijfsarts gaan bemiddelen in een conflict of is het verstandiger dit over te laten aan bijvoorbeeld een mediator, zodat de bedrijfsarts zich kan focussen op de medische diagnostiek. Discussiepunten die zeker een vervolg verdienen!

Wij kijken in ieder geval terug op een geslaagde middag en willen alle aanwezigen graag nogmaals danken voor hun prikkelende en bevlogen bijdrages!

Tot slot: deze interdisciplinaire uitwisseling smaakt naar meer. We stellen voor om aankomend jaar een intervisiePLUS bijeenkomsten te organiseren over de casuïstiek spanning pyschisch verzuim & conflict waar we allemaal mee te maken hebben. Mediation Amsterdam faciliteert graag de locatie. Interesse? E-mail naar info@mediationamsterdam.nl.


 

[1] In Nederland wordt het loon twee jaar doorbetaald. Ter vergelijking: in Denemarken twee weken, in Duitsland zes weken, in Finland negen dagen, in Luxemburg vijftien weken en in België maximaal één maand.

[2] Verzuimkosten door werkstress zijn in Nederland sinds 2018 opgelopen tot 2,8 miljard per jaar. Zie: Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) 2018.

[3] Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders.

[4] Zie hierover bijvoorbeeld ook: interview van J. Koelewijn met Jan Buitelaar, ‘Er is geen magische opvoedknop’, https://www.nrc.nl/nieuws/2019/10/18/er-is-geen-magische-opvoedknop-a3976979.

[5] NVAB-richtlijn Conflicten in de werksituatie voor het handelen van de bedrijfsarts 2019.

[6] https://www.arboned.nl/nieuws/persbericht-verzuim-in-nederland-stabiliseert-voor-het-eerst-sinds-jaren.

Opgeruimd staat netjes

Na een paar wat rustigere weken zijn wij weer volop aan de slag met mediation- en coachingtrajecten.

Afgelopen maandag niet. Toen kwamen we alledrie in ons oude kloffie naar kantoor. Het was tijd voor een grote schoonmaak.

De dossierkasten weer op orde maken, oude aantekeningen versnipperen (wij digitaliseren zoveel mogelijk), de planten verpotten en poetsen.

Na afloop borrelde er wat inspiratie op voor een vlog: De Grote Schoonmaak en Mediation. Want fysiek opruimen geeft (na afloop) een goed gevoel; een professionele (werk-)relatie eens onder de loep nemen, her en der afstoffen, oppoetsen én updaten kan ook flink opluchten!

Vaak zien we mensen aan tafel pas nadat de spreekwoordelijke bom is gebarsten. Er is al een ziekmelding, dreiging met ontslag of het einde van de samenwerking. Tijdens de mediation hoor je vervolgens dat er al langere tijd iets in de lucht hing. Sluimerend, sudderend, soms zelfs etterend, nam onderlinge onvrede toe.

Hoe fijn is het om als het stroef gaat maar nog niet spaak gelopen is, eens flink de boel door te luchten?

Voorkomen dat het komt tot een uitbarsting, stress, (reputatie-)schade en ziekte. Je werkt om te leven, en niet andersom is het idee. En toch kan gedoe op het werk maken dat alles alleen nog maar om werk draait.

Dat leed willen wij graag helpen voorkomen! Is er bij jou op de werkvloer iets aan de hand en wordt het tijd om in actie te komen? Voorkomen werkt echt beter dan genezen.

Wij staan de komende periode graag voor jou / jullie klaar. In de vorm van:

Bel of mail en dan komen wij helpen verhelderen!

Meer weten? Kijk het vlog of neem rechtstreeks contact op!

 

Wij doen mee: Week van de Werkstress mediation-hotline

Zorgt een conflict op werk voor stress? Bel tijdens de Week van de Werkstress met de hotline: 0800-MEDIATION

Dat is de nieuwste actie van de NMv-ambassadeurs i.s.m. collega’s van de specialistische mediation-beroepsverenigingen VAN en MfN-Groep Arbeidsmediators. In de Week van de Werkstress, van 12 t/m 16 november 2018, dragen onze mediators Eline van Tijn en Tabitha van den Berg graag belangeloos bij aan deze actie.

Een conflict is besmettelijk
Een slechte verhouding met je baas, ruzie met een collega of een vervelende klant: conflicten op en rond de werkvloer kunnen voor veel stress zorgen. Want laten we eerlijk zijn, lang niet iedereen is er even goed in om bij een ontluikend conflict meteen zelf in actie te komen. Integendeel, vaak hopen we dat het vanzelf wel goed komt. En die hoop blijkt vaak ijdel. Conflicten blijven sluimeren of, erger nog, ontsporen volledig. Met alle gevolgen van dien: van psychisch verzuim tot verstoorde werkverhoudingen die niet meer te lijmen zijn. Dit is niet alleen erg stressvol voor de direct betrokkenen, maar ook voor de rest van het team.

Mediation-hotline
Tijdens de Week van de Werkstress willen de arbeidsmediators van de Nederlandse Mediatorsvereniging (NMv) dit patroon doorbreken. Dit doen ze met de hotline 0800-MEDIATION, waar mensen gedurende de week elke werkdag terecht kunnen met vragen over een zakelijk conflict of verstoorde arbeidsverhoudingen. Dus of je nu een HR-professional, leidinggevende, bedrijfsarts of medewerker bent: via de mediationhotline kan je op een laagdrempelige manier kijken of mediation in jouw specifieke geval van toegevoegde waarde kan zijn. Ook algemene vragen over mediation zijn uiteraard welkom.

Van 12 t/m 16 november is het belteam met arbeidsmediators elke werkdag van 9 tot 18 uur te bereiken via 0800-6334284.

Geen behoefte aan telefonisch contact maar wel benieuwd of mediation bij conflict en mogelijk verzuim op het werk zinvol is? Kijk ook onze vlogs

 

Week van de Mediation 2018

Conflicten oplossen is beter dan uitvechten. Probeer het eens met een professionele mediator.

Dat is het motto van de landelijke Week van de Mediation 2018. Van 15 tot en met 19 oktober organiseert de Nederlandse Mediatorsvereniging (NMv) met haar leden de tweede Week van de Mediation. Tijdens deze week laten mediators met verschillende expertises zien dat mediation werkt. Overal in Nederland worden activiteiten georganiseerd. Vanuit Mediation Amsterdam dragen wij daar uiteraard ook graag een steentje aan bij.

Wat gaan we doen?

14 oktober

Ons kantoor is gevestigd in Amsterdam Noord, maar Tabitha woont er ook. Zij is op zondag 14 oktober van 16.00-18.00 te vinden in bar-restaurant Pompet in het Noorderpark. Als onderdeel van ‘de Groenste Dag van Noord’ is zij die middag beschikbaar voor alle vragen over duurzaam samenwerken, en hoe nu verder als idealen en de praktijk botsen, bijvoorbeeld bij de zelfbouw-kavels in de nieuwe wijk Buiksloterham of bij één van de vele start-ups in dit snel groeiende stadsdeel.

15 oktober

Dagelijks reizen er ruim een miljoen Nederlanders over het spoor! Van en naar huis, werk of studie. Vandaar dat Eline en Tabitha  op maandag 15 oktober van 8.00 – 18.00 samen met mediator Roderic van Voorst tot Voorst, namens Mediation Amsterdam een Mediation PoP-Up kantoor vestigen in de Poets Farm, een koffiebar in de IJ-passage in Amsterdam Centraal. Vragen over mediation en/of het voorkomen van conflicten op het werk of in zakelijke relaties: iedereen is welkom om aan te schuiven. Kijk hier ook ons vlog met de aankondiging van deze actie.

15-19 oktober

0800-MEDIATION, of 0800 6334284, dat is het nummer waarop een twintigtal Zakelijke Mediators gratis bereikbaar is voor MKB’ers in de Week van de Mediation. Mediation in zakelijke geschillen biedt uitstekende kansen om snel en vakkundig tot duurzame oplossingen te komen. Zodat de ondernemer zich weer kan focussen op zijn of haar bedrijf. En toch wordt mediation nog maar mondjesmaat toegepast. Met deze gratis informatielijn hopen we de drempel naar mediation te verlagen.

17 oktober
NMv-Symposium Samen Werken Aan Oplossingen
Eline is actief als bestuurder in de Nederlandse Mediatorsvereniging (NMv) en organiseert vanuit het NMv een prachtig programma voor mediators en mediation-verwijzers. Uiteraard zijn wij die dag, samen met een aantal van onze eigen verwijzers aanwezig, want samen bereik je meer!

Meer weten over de Week van de Mediation 2018 en de activiteiten door het hele land? Neem een kijkje op de website!

U kunt onze aankondigingen verder volgen via ons Twitter-kanaal. We hopen u te zien op één van deze gelegenheden!

Kruimels Zuigen in een Koekjesfabriek

Contra-indicaties. Wanneer is mediation géén goed idee?

Ook als mediator kom je ze soms tegen: partijen die niet in beweging te krijgen zijn. Mensen zitten zo vast, dat geen van allen echte motieven kan of wil blootgeven. Er is zo weinig vertrouwen dat elke vraag en elk mogelijk antwoord partijen alleen helpt om verder af te drijven. Zie je wel, hij/zij wil helemaal geen oplossing!

Als mediator zoeken we naar kleine openingen, minuscule tekenen van licht in de tunnel.

Maar heel soms lijken we niet meer dan een kruimelzuiger in een koekjesfabriek. En dat is frustrerend. Want in bijna 90% van de zaken bij ons op kantoor komen partijen er samen uit. Zo’n oplossing kan vele verschillende smaken hebben, maar de rode draad: partijen worden het eens, dit is de beste oplossing in deze situatie.

Maar laten we ook eerlijk zijn: wanneer adviseren wij je nu om er niet aan te beginnen? Drie voorbeelden:

  1. Ik wil nooit meer met deze man/vrouw in dezelfde ruimte zijn.

Tja. Het kenmerk van mediation is dat je samen gaat zoeken naar oplossingen. Dat vraagt om bereidheid om in elkaar nabijheid te zijn en op zijn minst te luisteren naar de ander. Dat is een confrontatie met de ander. Op neutraal terrein, met een onpartijdige mediator er bij. Daar hebben de meeste mensen na een intake niet veel zin in. Toch lucht het vrijwel altijd op, als je elkaar weer eens echt in de ogen kijken.

Contra: Voel jij zoveel haat of frustratie dat je werkelijk tot in je tenen voelt: NEE! Ik ga liever strijdend ten onder dan dat ik met hem/haar om tafel ga. Dan heeft mediation geen zin.

  1. Mijn strategie is simpel: ik zet alle mogelijke middelen in om tijd te rekken/ de ander dwars te zitten

Het overkomt ons allemaal wel eens, vroeg of laat kom je in een situatie waarin je de ander niets meer gunt. Er is je zoveel afgenomen, dat je geen millimeter meer toe wilt geven. Sterker nog, het liefst lig je op alle fronten dwars. Dat zal ze eens laten voelen! Mediation, prima, mooie manier om de ander meer geld en meer tijd te laten verliezen. Jij zit goed, met je armen over elkaar.

Tja, met die houding gaat de mediation niet lukken. Sterker nog, de mediation kon wel eens heel confronterend uitpakken. Je word uitgenodigd om te vertellen wat je wel wilt. Gevraagd naar je eigen aandeel in de situatie. Hoort misschien iets van de tegenpartij dat je milder maakt. Kortom, die veilige dwarsliggende positie slaat aan het wankelen.

Contra: Wil jij lekker zwart/wit blijven kijken naar de situatie en de andere laten bungelen? Dan is mediation geen geschikt middel!

  1. Ik ga toch weg.

Dit is een ingewikkelde. Je hebt al drie sollicitatiebrieven verstuurd, en weet dat je zo een andere baan hebt. Of je hebt je aandelen zo verkocht, en zin in een nieuw bedrijf, kortom: je bent er compleet klaar mee.
Heb jij geen enkele reden om iets uit te praten of op te lossen, dan is mediation inderdaad een gepasseerd station. Tegelijkertijd, kun je in mediation ook de lucht klaren en samen goede afspraken maken over afscheid nemen. Zodat je, als je elkaar later tegenkomt, zakelijk of privé, je elkaar weer normaal de hand kunt schudden. Of, in sommige branches onvermijdelijk – weer samen zult werken als business partners of leverancier/afnemer. Jullie beider reputaties blijven in tact, je bespreekt samen de boodschap naar derden, en maakt goede afspraken over de financiële en praktische afwikkeling van jullie zakelijke relatie.

Contra: Ga jij emigreren, kom je elkaar sowieso nooit meer tegen en heb je al een andere baan? Dan is mediation inderdaad geen zinvolle investering.

Twijfel je of jouw situatie geschikt is voor mediation? Bel of mail ons gerust voor een vrijblijvend gesprek over de voor- en mogelijke nadelen van mediation.

Functioneringsgesprekken.

Functioneringsgesprekken…

Eens in de zoveel maanden, soms maar eens in de zoveel jaar, zitten werkgever en werknemer om tafel in een formele setting. Het moment van beoordelen, verwachtingen uitspreken en targets bepalen is daar. In het ene bedrijf heet dat een functioneringsgesprek, een ander kiest voor een annual performance review-cycle-conversation. Hoe het beestje ook heet, zo’n verplicht gesprek met formeel karakter is vaak voor beide partijen spannend. Of ongemakkelijk. En niet ten onrechte. Voor veel mensen begint de cyclus weer in maart. Wat gaan we komend jaar met elkaar bereiken?

Toren C

De dames van kantoorkomedie Toren C maakten een geniaal filmpje over zo’n gesprek.  https://www.youtube.com/watch?v=i4legARNmD8. Een voorbeeld van hoe een goed gesprek in heel korte tijd helemaal uit de hand loopt. Gelukkig gaat het meestal beter.

Het innerlijke monster

Een moment van beoordelen maakt bij de een de innerlijke criticus wakker. O nee, nu val ik door de mand. De ander denkt: ha, dit is het moment om te gaan onderhandelen over mijn salaris of een nieuwe opleiding. Een derde hoopt dat dit gesprek wellicht het moment is om het te hebben over werkdruk en een moeizame relatie met een collega.

De spreekwoordelijke druppel

Er zijn heel wat mediations waarbij medewerker of werkgever zo’n formeel gesprek als de druppel aanwijst. Het moment dat de bom barste, of de tranen niet meer te stoppen waren. Vaak gevolgd door een ziekmelding. Vaak voor beiden partijen een situatie van verlies. Over het algemeen zijn geen van de deelnemers aan zo’n functioneringsgesprek uit op escalatie of verzuim. Hoe voorkom je nou dat het uit de hand loopt?

Tips bij spannende gesprekken

Een paar tips om communicatie over spannende thema’s beter te laten verlopen:

  1. Bezint eer ge begint: bedenk vooraf en noteer wat voor jou belangrijke onderwerpen zijn. Wat gaat er goed? Wat zou je graag anders of verbeterd zien? Hoe kun je daarin met elkaar samenwerken voor een beter resultaat? Wat wil of kan jij (of de organisatie) daarin zelf bijdragen en wat heb je nodig van de ander?
  2. Een goed begin is het halve werk: bedenk samen wat er op de agenda mag/moet tijdens het gesprek, kies de prioriteiten en spreek een eindtijd af.
  3. Breek het ijs: vind je het spannend, of ben je juist ontzettend blij om (eindelijk) om tafel te gaan? Begin daar dan gewoon mee. Want als een ander niet weet waar jouw zenuwen vandaan komen, kan hij/zij daar geen rekening mee houden. Of geeft zijn eigen invulling aan jouw lichaamstaal…
  4. Zelfkennis is het begin van alle wijsheid: weet van jezelf hoe je reageert als er iets jouw kant op komt dat je niet zag aankomen. Gun jezelf tijd om met een passende reactie te komen, zonder dat je de ander in de kou laat staan of het vuur verder opstookt. Dat kan door bijvoorbeeld te zeggen: ‘Goh, daar overval je me mee. Ik merk dat ik daar even over na moet denken. Mag ik hier later op terugkomen?’ Of: ‘Dit komt even heel hard binnen. Kunnen we even pauzeren?’.
  5. Elk einde is een nieuw begin: Ben je nog niet uitgepraat? Prik gelijk een nieuwe datum om verder te praten. Wacht niet een half jaar op een volgend gesprek als je merkt dat jullie niet op koers lopen.

Meer lezen en tips over conflicten en het voorkomen van escalaties? Kijk ook eens naar

 

Noem mij maar gewoon Jan

Expats op de Nederlandse werkvloer

door Hester van den Dorpel, stagiaire bij Mediation Amsterdam

‘Noem mij maar gewoon Jan’. De Nederlandse manager laat zich liever bij de voornaam aanspreken en zelfs onze minister-president Rutte pakt de fiets naar zijn werk. Managers en werknemers lunchen samen en werken dankzij flexplekken steeds vaker in dezelfde ruimte. Dit kan verwarrend zijn voor een expat die meer hiërarchie gewend is. Steeds meer mensen komen als expat in Nederland werken. Zeker de gemeente Amstelveen is populair, in 2015 is 7,5 procent van de inwoners een expat. In Amsterdam is dat 4 procent. Deze expats komen voornamelijk uit onze buurlanden, maar India, Japan en de Verenigde Staten hebben ook een groot aandeel. Een expat is een persoon die tijdelijk in een land werkt met een andere cultuur dan waar hij oorspronkelijk vandaan komt. Tegen welke (juridische) problemen kunnen expats aanlopen wanneer zij in een arbeidsconflict verwikkeld raken? En kan men deze problemen oplossen of beperken door gebruik te maken van mediation in plaats van een rechterlijke procedure te starten? Met behulp van een enquête, ingevuld door expats met allerlei verschillende nationaliteiten, ben ik dit gaan onderzoeken.

Problemen op de werkvloer

Slechts 12,2 procent van de expats heeft juridische problemen ondervonden. Deze problemen werden veroorzaakt doordat er tijdens de onderhandelingen over het contract beloftes werden gemaakt die niet nagekomen werden. Een ander gaf aan dat hij teveel is gepusht om het contract te tekenen en er daarna vanaf wilde komen. Een kwart van de respondenten ervaart samenwerkingsproblemen. De helft van de respondenten geeft aan samenwerkingsproblemen met de manager te hebben ervaren, de andere helft heeft dit met een collega gehad. De respondenten noemden verschillende redenen waarom zij deze problemen ervoeren. Het merendeel van de problemen ontstond door de taalbarrière. Andere problemen werden veroorzaakt door verschil in normen en waarden, door verschillende verwachtingen van een contract of een afspraak en door verschillen in gewoontes. Een opvallend groot aantal samenwerkingsproblemen werd, volgens de respondenten, veroorzaakt door verschillende inzichten over hiërarchie. Zoals ik al aangaf is de Nederlandse hiërarchie vlak. Managers laten zich bij de voornaam noemen, werken en lunchen steeds vaker met de werknemers en accepteren eerder feedback van hen. In Nederland is het polderen een gebruikelijke manier om tot een besluit te komen. In een vergadering wordt dan ook van de werknemer verwacht dat hij aan de discussie bijdraagt en mogelijkerwijs met ideeën komt die anders zijn dan hoe de manager erover denkt. Ook op sollicitaties blijkt dat van een sollicitant wordt verwacht dat hij vragen stelt. Nederlandse werkgevers zijn geneigd te denken dat een sollicitant anders geen pit of weinig interesse heeft. Expats die andere vormen van hiërarchie gewend zijn, zijn zich vaak niet bewust van deze ongeschreven regels.

Eva van Ooijen van KIT Intercultural Professionals heeft een aantal tips voor managers om samenwerkingsproblemen te voorkomen. Ten eerste is het van belang dat managers zich realiseren dat expats vaak alleen naar een land zijn gekomen. Een van de expats gaf aan dat hij tijdens zijn periode in Nederland weinig contact heeft gehad met zijn collega’s. Pas toen hij weer vertrok zeiden ze dat het tijd was voor een afscheidsfeestje. Wees daarom uitnodigend en betrek de expat erbij. Daarnaast is het belangrijk om als team te bespreken wat de verwachtingen over en weer zijn. Ook kan de expat gevraagd worden wat voor vorm van hiërarchie hij gewend is. Op deze manier kan hem uitgelegd worden hoe het in Nederland werkt en kunnen mogelijke conflicten voorkomen worden. Tevens is het voor de expat belangrijk om zich te verdiepen in de nieuwe cultuur. Volgens Eva van Ooijen mislukt expatriëring naar een van een van de buurlanden vaker dan wanneer een Nederlandse werknemer naar Azië gaat. Men denkt dan dat de culturele verschillen dan kleiner zijn en doet mogelijkerwijs minder moeite om zich te verdiepen in de nieuwe cultuur. Opvallend is juist dat België meer hiërarchie op de werkvloer kent dan Nederland. Het werken met expats zorgt niet alleen maar voor problemen. Een van de voordelen van het werken met expats is dat mensen leren om met verschillende culturen om te gaan. Het geeft hen nieuwe inzichten en ideeën. Daarnaast geeft men aan dat contact met buitenlandse bedrijven beter is als er een expat in het Nederlandse bedrijf werkt.

Mediation in het arbeidsgeschillen

Indien expats in juridische of samenwerkingsconflicten geraakt zijn is het verstandig om gebruik te maken van mediation. Wat is mediation precies? Er zijn verschillende manieren om mediation te beschrijven. Het Handboek Mediation omschrijft mediation als: ‘Een vorm van bemiddeling in conflicten, waarbij een neutrale bemiddelingsdeskundige, de mediator, de communicatie en onderhandelingen tussen partijen begeleidt om vanuit hun werkelijke belangen tot een gezamenlijk gedragen en voor ieder van hen optimale besluitvorming te komen.’ 

Men gebruikt mediation veel voor familierechtelijke geschillen maar ook het gebruik van mediation in arbeidsgeschillen neemt steeds meer toe. Mediation is een vorm van geschilbeslechting en vormt hierbij een alternatief voor de gang naar de rechter. 63,4 procent van de respondenten gaf aan dat ze bekend waren met mediation en gelukkig is zelfs 85,4 procent van de respondenten voorstander van het gebruik van mediation in arbeidsgeschillen. Ik heb hen gevraagd waarom zij wel of juist niet menen dat mediation een goed middel is om arbeidsgeschillen op te lossen. Als een van de redenen gaven zijn aan dat mediation kan bijdragen aan de-escalatie van het conflict doordat er wordt gekeken naar achterliggende belangen. Op deze manier kunnen partijen uitspreken wat voor hen belangrijk is. Als men kijkt naar belangen in plaats van standpunten is de kans groter dat ze er samen uitkomen. Het voordeel van mediation is dat men zelf met oplossingen komt. Wat maakt een mediator een goede mediator? De respondenten gaven aan dat ze het liefste een mediator hebben die betrouwbaar en onpartijdig is, goed luistert, kalm blijft en vooral niet oordeelt.

Mediation op de Vrije Universiteit

Studenten van de Vrije Universiteit Amsterdam kunnen de afstudeerrichting Conflicthantering, rechtspraak en mediation volgen. Dit is uniek in Nederland. Onderdeel van deze afstudeerrichting is het vak mediation. Ook privaatrechtelijke masterstudenten kunnen dit vak volgen. Op 1 april 2017 is Dick Allewijn benoemd tot bijzonder hoogleraar Mediation aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. De Vrije Universiteit heeft de eerste bijzonder hoogleraar Mediation van Nederland.

Geschreven door VU studente Hester van den Dorpel, stagiaire bij Mediation Amsterdam van 1 maart – 1 juni 2017. Kijk ook haar vlog over haar onderzoeksresultaten!

Nijlpaarden en spinnen: reputaties

Op mijn bureau staat een schattig houten nijlpaard. Een souvenir, gekregen van mijn broer die onlangs zeven maanden voor de Verenigde Naties in Mali zat. Nijlpaarden, leuke, koddige, gezellig dieren, toch? Neem dan spinnen, geen enkele knuffelfactor. Ik ben niet bang aangelegd, maar een spin als bureau-versiering: ik pas.

Nu is mijn oudste dochter groot fan van Freek Vonk dus we leren een hoop over dieren thuis. Wat blijkt nou, het nijlpaard staat in de top 10 van meest dodelijke dieren! Dodelijker dan haaien en kwallen. Het nijlpaard blijkt een humeurige massamoordenaar in Afrika. Jaarlijks bijt hij zo’n 200 mensen en kinderen dood!

Spinnen daarentegen kom je niet tegen in dergelijke top 10-lijstjes. Toch heeft vrijwel iedereen geheel andere associaties bij dit grotendeels onschuldige beest.

Stempels
Zo heb je dat soms ook in de werkomgeving. Soms heeft iemand, zonder dat je precies kan zeggen waarom, het stempel lastig. Agressief. Pittig. Pas op… En op de een of andere manier worden opmerkingen van deze man of vrouw altijd negatief geïnterpreteerd. Of genegeerd. ‘Daar heb je hem weer’. Of ‘O god, heeft zij weer iets te miepen’.

Dat soort onbewuste stempels kan voor veel problemen zorgen. Waardevolle feedback en inzichten worden niet gehoord. De persoon gaat zich misschien ook wel gedragen naar de reputatie. Er ontstaat steeds meer frictie en vergaderen of samenwerken aan een project wordt met de week vervelender.

Totdat de bom eens barst. Een flinke scheldpartij of een ziekmelding volgt. En nu?

Symptomen
Als mediator zien we zo’n uitbarsting als een symptoom van iets anders. Een uitnodiging om weer eens te gaan graven. Wat speelt er onderhuids? Hoe is deze reputatie ontstaan? Was het altijd moeilijk tussen jullie, of is er iets gebeurd de afgelopen periode? Wat speelt er nog meer in het bedrijf? En wat is er nodig om weer te gaan bouwen aan herstel? Wat willen jullie wél met elkaar? Welke positieve eigenschappen brengt deze collega mee, en hoe zorgen we dat communicatie-momenten voortaan wel constructief verlopen?

Reputatie-management
En werkelijk waar: dan blijkt de spin toch niet zo giftig. En was het nijlpaard achteraf wellicht iets minder gezellig en onschuldig dan het zich deed voorkomen. Reputaties worden opnieuw geijkt, de relatie onder de loep genomen. En er blijkt verandering mogelijk. Dat is waar we aan tafel naar streven. En in veruit de meeste gevallen worden er goede oplossingen gevonden. In jullie beider belang.

Last van stempels en reputaties waardoor je de mens en collega niet meer ziet staan, letterlijk en figuurlijk? Blijf niet doormodderen. Schakel eventueel een onafhankelijke begeleider in. Voor vrijblijvend advies: bel 020 685 3330 of mail ons via info@mediationamsterdam.nl