timing mediation

Wanneer is het ‘tijd’ voor mediation?

Wij krijgen wekelijks mensen aan de lijn, op zoek naar een mediator of informatie over mediation. Sommige van die telefoontjes gaan over de timing van mediation. Want wanneer is een situatie erg genoeg om mediation voor te stellen? En wanneer zou je het eigenlijk zelf nog kunnen oplossen? Of is het zo erg dat je niet eens meer mediation moet willen proberen?

Zinnige vragen waar – in alle eerlijkheid – geen simpel of eenduidig antwoord op is. Wel kunnen we enkele scenario’s schetsen die wellicht helpen om duidelijkheid te scheppen.

Het ideale scenario

Het loopt niet lekker tussen jullie. Jullie hebben al enkele gesprekken gevoerd, maar merken allebei dat het lastig is elkaar te verstaan. De emoties en frustraties nemen de overhand, de communicatie verloopt niet effectief. Of het onderwerp nu is de koers van het (familie-)bedrijf, jullie collegiale samenwerking, of een zakelijk project dat van de rails dreigt te raken; jullie willen dit oplossen. Jullie zijn het snel eens; daar hebben we een beetje hulp bij nodig. Samen worden jullie het eens over het soort begeleider dat jullie nodig hebben en aan welke criteria hij/zij moet voldoen en bellen één van ons (of iemand anders 😉) en vragen om een offerte en kennismakingsgesprek.

Vroeg in de wedstrijd

Jij loopt al enige tijd aan te hikken tegen een ongemakkelijk gesprek. Over jouw verwachtingen van de samenwerking. Omdat je iets anders wilt. Of omdat je iets uit het verleden wilt bespreken maar niet goed weet hoe. Je wilt dat dat gesprek goed verloopt; er staat wat op het spel. Je denkt dat jullie daar een beetje hulp bij kunnen gebruiken. Of anders jij zelf wel. Maar waar begin je? Je kunt kijken naar onze tips voor ongemakkelijke gesprekken, of één van ons bellen en bespreken of je ons wilt inschakelen. Dat kan individueel; conflict coaching zodat je je eigen ongemak en conflictstijl kunt onderzoeken en het gesprek kunt voorbereiden. Dat kan ook voor jullie samen, met dialoogbegeleiding of mediation. Weet wel dat het belangrijk is dat jullie samen de keus maken voor de procesbegeleider / mediator. Je zult de ander dus eerst zelf moeten uitnodigen voor het gesprek en toelichten waarom je daar hulp bij wilt inschakelen. Uiteraard kunnen we je wel tips geven hoe je zo’n uitnodiging kunt doen. Ook bieden we aan om samen met jou of jullie een conflict-diagnose te doen. Dit kan ook nuttig zijn aan de start van een samenwerking, als er echt nog geen vuiltje aan de lucht is.

Vijf voor twaalf

Dat er ruzie is, is voor iedereen duidelijk. Sterker nog, jullie hebben je al ‘bewapend’ en aan beide kanten zijn al advocaten of andere adviseurs in stelling gebracht. Om een overtuigend dossier op te tuigen; gericht op het winnen van ‘de zaak’.  Maar één van de adviseurs of jijzelf vraagt zich toch nog hardop af of er niet toch nog één laatste poging gedaan moet worden om er samen uit te komen. Want liggen we alle kaarten op tafel? Is jouw verhaal echt zo ijzersterk dat je de gang naar de rechter aandurft? En stel dat je wint, raak je dan ook iets kwijt?

In dergelijke gevallen is het zeker een goed idee om mediation te onderzoeken. En daar vooral niet lang mee te wachten. Bij ons kun je vrijwel altijd binnen een week op intake-/kennismakingsgesprekken. In dat gesprek zullen we met jou, maar ook met ‘de andere kant’ doorpraten over de zin van mediation in deze fase. Staat er echt nog een deur op een kiertje? Ben je bereid om te luisteren naar wat de ander aan belangen, behoeften en overtuigingen heeft en die van jezelf te delen om tot een duurzame oplossing te komen waar je allebei ja tegen zegt? En staat je adviseur ook achter jouw keuze om te gaan voor een win/win oplossing, zelfs al lijkt je zaak (juridisch) heel sterk?

Mediation op de valreep, terwijl de gang naar de rechter al is aangekondigd kan spannend zijn; de gesprekken in de aanloop naar zo’n besluit zijn vaak op het scherpst van de snede gevoerd, kun je nog terug naar een meer ‘collegiale’ aanpak waar bijvoorbeeld ook aandacht is voor jullie reputatie, de impact van het conflict op anderen binnen jullie project, bedrijf of partnerschap en misschien zelfs wel voor de emoties die onder het conflict verborgen zitten. Bereid om het te proberen? Bel of mail en we gaan zo snel mogelijk met alle betrokkenen op verkenning. Weet je niet zeker of de ander instemt met de gang naar de mediator? Je kunt een dergelijk verzoek eerst in de week leggen via de adviseurs. Ook kan het helpen om de ander de keuze te geven over welke mediator jullie inzetten om jullie gesprek te begeleiden.

Op de bodem van de put

Heeft mediation nog zin als je al jaren aan het procederen bent? Tienduizenden euro’s gespendeerd aan juridische kosten, en allebei al eens je gelijk gehaald in een tussenvonnis, of één van de vele procedures die je tegen elkaar hebt aangespannen. Je spreekt niet meer met elkaar, maar over elkaar, via adviseurs en tijdens de zitting. Elke vorm van respect of vage herinnering aan betere tijden is vervlogen. Waarom zou je dan nog mediation overwegen?

Een precies antwoord op die vraag kunnen wij je niet geven. Wel kunnen we delen wat overwegingen waren van de partijen die we via de rechtbank en het hof de afgelopen jaren aan tafel begeleiden. Ze waren moe van de strijd, wilden verder met hun leven. Hun geliefden waren het zat. Het geld om te kunnen procederen raakte op. Er waren mensen overspannen geraakt als gevolg van de slepende procedure en de impact die dat had binnen de organisatie. Of de rechter had gezegd; als ik nu in deze procedure een uitspraak doe, bent u dan klaar of zie ik u over enkele maanden opnieuw? Is de oplossing die u wenst echt juridisch van aard?

Slaagden al deze zaken? Het eerlijke antwoord; nee. Sommige mensen zijn zo diep gekrenkt of verweven met het conflict dat er geen weg meer terug lijkt. De wens om het (juridische) gelijk weegt zwaarder dan een oplossing die een einde maakt aan de ruzie. Maar in ruim de helft van de gevallen lukt het wel om met elkaar om tafel, soms voor het eerst in jaren, een goed gesprek te voeren en zaken op te lossen. In andere gevallen blijkt samen tot een oplossing komen niet mogelijk, maar rapporteren mensen vaak dat het goed was elkaar weer eens recht in de ogen te kijken en het echte verhaal te horen, zonder de juridische argumenten. Het is dan aan de rechter om uitspraak te doen, maar vaak heeft de mediation toch iets opgeleverd in het proces om de uitkomst te aanvaarden.

Kortom…

Wat is de perfecte timing om de mediator in te schakelen? Dat kunnen wij helaas niet voor jullie bepalen. Maar wil je meer weten over onze diensten, en vrijblijvend sparren over andere manieren om uit een conflict te komen of een groter conflict te voorkomen? Bel of mail en wij maken graag tijd.

Managen van macht in mediation

Managen van macht aan de mediationtafel

Mediation is een mooi vak. Elke mediation is anders. Elke keer weer andere mensen, andere dynamiek en, ook al is soms de onderliggende conflictstof vrijwel identiek, andere conflictpatronen.. Het is telkens de uitdaging om te zoeken naar wat er nodig is voor deze specifieke partijen om hun confrontatie om te buigen naar een vorm van samenwerking. Maatwerk dus. Een bijzonder aspect in de dynamiek is de macht aan tafel. In sommige mediations vraagt het managen van macht aan tafel bijzondere aandacht van de mediator.

Wat zijn de regels?

De artikelen 4 en 5 van de MfN – Gedragsregels van de Mediator zien toe op de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de mediator. De mediator heeft geen belang bij een van de partijen of bij (de uitkomst van) de mediation, noch heeft hij op enige wijze een voorkeur voor of afkeur van een van de partijen, hoe deze zich ook voordoen. Deelnemers zijn voor de mediators gelijk.

Machtsverschillen ‘buiten’

Buiten de tafel van de mediator is er vaak wel een machtsverschil, dat meegenomen wordt in de mediation zelf. Vier voorbeelden uit de praktijk waarin de factor (vermeende) macht een rol van betekenis kan spelen.

Bij arbeidsmediations is er meestal een hiërarchische verhouding tussen partijen. Die hiërachie zet de gelijkwaardigheid onder druk; de werknemer voelt de macht van zijn werkgever, of de werkgever voelt zich klemgezet door de bescherming die een medewerker van rechtswege geniet.

Een andere vorm van macht bestaat in mediations die voortkomen uit een advies van de rechtbank. De partij die de rechtszaak heeft aangespannen heeft binnen de mediation een machtspositie. Alleen hij/zij kan de rechtszaak intrekken, of kan deze (ook al is de gerechtelijke procedure zelf voor de duur van de mediation opgeschort) als een zwaard van Damocles boven de mediation laten hangen. De gedaagde partij voelt haarfijn aan dat daardoor een afhankelijkheid bestaat – wat de vermeende ‘slechtheid’ van de eiser voor hem of haar nog maar eens onderstreept. De gedaagde kan het gevoel hebben gechanteerd te worden en neemt dit als weerstand mee de mediation in.

Nog een andere machtsmethode is om de mediation te vertragen, zonder daarin zo ver te gaan dat de mediator de gewenste voortvarendheid in gevaar ziet komen. De Amerikanen hebben hier het mooie werkwoord “to slow-walk” voor. Externe oorzaken worden aangegrepen voor het niet snel kunnen werken – een overlijden in de familie, ziekte, belangrijke verplichtingen, men is vaak vindingrijk. De andere partij wil voortgang, krijgt die niet en moet knarsetandend wachten. In het ergste geval verwijt hij de mediator dat deze niet “optreedt” en nalaat de andere partij tot snelheid te verplichten.

Het is voor een mediator ook oppassen geblazen als partijen zich helemaal naar de mediator voegen; dan is het vaak zo dat partijen hun eigen verantwoordelijkheid niet willen of durven nemen, de mediator als de grijze wijze man/vrouw zien en diens raad en advies van willen opvolgen. Zij leggen in feite de macht bij de mediator neer – maar die moet daar verre van blijven.

Hoe kijk ik naar macht in mediation?

Er is mijns inziens niet één standaard wijze om de verschillende machtsstructuren aan de mediationtafel te ontzenuwen, het blijft in alle gevallen maatwerk. De algemene benadering is echter wel telkens weer: partijen hebben gezamenlijk aan de mediator de opdracht gegeven hen te helpen er samen uit te komen (ook in arbeidsmediations, ook al betaalt de werkgever vrijwel altijd de hele rekening). De vraag dus uiteindelijk telkens weer terugleggen bij de deelnemers: wat kun jij zelf doen om een oplossing te vinden? Partijautonomie en eigen verantwoordelijkheid stimuleren is een kerntaak van de mediator, in geen geval kan hij (of zij) als redder optreden van de “on-machtige” partij. Dat is soms heel zorgvuldig de kunst beheersen om te balanceren; steeds net genoeg steun geven of de juiste interventie plegen die zorgt dat mensen zelf een basis vinden om samen te werken, richting een scenario waar ze zich beiden in kunnen vinden. Van winnen en verliezen naar een werkbare gezamenlijke oplossing. En elke keer dat dit de deelnemers weer lukt – zeker als de weg niet vrij was van obstakels rondom macht en onmacht – maakt dat ons werk erg dankbaar.

Zoals ik deze blog al startte; we hebben als mediators een mooi en vooral boeiend beroep!

falen

Niet alles lukt (falen)

In onze praktijk spreken we veel ondernemers, professionals in loondienst en ‘concullega’s’. Soms bestaat blijkbaar de indruk – zeker na een blik op ons fenomenale uitzicht over het IJ 😉, dat bij ons alles lukt.

Alles? Welnee. Ja, we hebben alle drie meer dan genoeg mediations en we halen onze commerciële targets. Dat betekent dat we de huur van onze praktijkruimten kunnen betalen, veel ervaring op doen en onze boterham belegd is. We hebben ook goede sfeer en lachen en werken veel samen. Zo bezien gaat het ons inderdaad voor de wind!

Maar dat is niet het hele plaatje.

Maar eind 2020 / begin 2021 was voor ons kantoor financieel een zware periode. Door het wegvallen van de mogelijkheid om fysiek bijeen te komen, vielen nogal wat mediation-opdrachten weg. Dat betekende omschakelen, andere opdrachten verzamelen en flexibel omgaan met uitgaven en inkomsten.

Ook op het vlak van marketing en media ging dit jaar niet alles vanzelf goed. We staan als mediators bekend om ons ambassadeurschap. We zijn ‘zeer zichtbare professionals’ door publicaties in vakbladen, actief gebruik van sociale media en allerlei kennisbijeenkomsten, die we organiseren en bijwonen. Daar stoppen we flink tijd en energie in, met de gedachte dat het altijd wel iets oplevert. Zo hadden we in de Week van de Mediation 2021 een fantastisch plan gemaakt met een mindfulness- / zentrainer uit Amsterdam-Noord. Dachten we. Samen zouden we een tweetal wandelworkshops geven, in het naast gelegen Vliegenbos om de overeenkomsten én verschillen tussen mediation en meditatie eens te onderzoeken. En nog helemaal gratis ook! Luchtig en leuk toch? We stuurden uitnodigingen rond, flyerden in de buurt, maakten reclame op sociale media. Het resultaat: er kwam welgeteld één aanmelding en diezelfde persoon meldde zich ook nog eens een dag voor het event af.

Falen is niet fijn.

Zo’n activiteit annuleren is dan flink balen. Verloren tijd en geld en zo’n mislukking kan als een persoonlijke afwijzing voelen. Soms vraag je je af of je überhaupt wel op het goede spoor zit met je aanbod / dienstverlening. In onze praktijk is de teleurstelling of twijfel nog ingrijpender als het gaat om een intensief mediation-traject dat ondanks onze inzet niet slaagt. En ja dat gebeurt natuurlijk ook weleens… Zo waren er dit jaar voor een ieder van ons persoonlijke en zakelijke momenten waarop verdriet of twijfel toesloeg.

Vallen en opstaan.

Het mediatorschap én het ondernemen zijn een uitdaging. Je gaat er vol voor, en soms dus ook voluit onderuit. Gelukkig maar, want zo nu en dan een uitglijder; iets dat wringt of professioneel pijn doet nodigt uit tot zelfreflectie en verandering. Het voorkomt de automatische piloot en maakt dat we kunnen blijven groeien. Verandering is ook vaak verbetering. Dat geldt voor ons, maar hopelijk ook voor eenieder die zich herkent in ‘niet alles lukt’.

En zo gaan we hoopvol het jaar uit. Inclusief de mindere dagen van 2021 kijken we terug op een jaar vol leerzame en hoopvolle momenten.

Op naar een nieuw jaar vol beweging!

samenwerken verzuim en preventie

Nieuwe vormen van samenwerken en conflict

Verslag kennissessie Mediation Amsterdam 9 december 2021

Samenwerken in tijden van pandemie met organisatiepsycholoog dr. Marieke den Ouden.

Op 9 december jl. organiseerden wij een speciale online Corona-editie van onze interdisciplinaire kennissessies rondom psychisch verzuim, conflict en spanningen op de werkvloer.

Dr. Marieke den Ouden (Universiteit Utrecht) was bereid om onze bijeenkomst in te leiden, met de laatste wetenschappelijke ontwikkelingen rondom de gevolgen van Covid-19 voor de werknemers en de mogelijke gevolgen op conflicten op het werk.

Uit de research in recent gepubliceerde wetenschappelijke artikelen*[1] heeft Marieke al veel wetenswaardigs gehaald. De conclusies leggen de vinger op verschillende zere plekken, die ook in onze praktijk als mediators, inderdaad bron van onvrede en conflict kunnen zijn.

Anderzijds kwamen ook juist een aantal positieve gevolgen van de crisis aan bod. Ook op die positieve kanten de focus (ver)leggen kan helpend zijn in de dialoog tussen zowel werkgevers als werknemers.

Balans werk-privé

De bevinding dat door de Corona crisis de ‘work-family’ conflicten zijn toegenomen is misschien een open deur. Maar interessant dat met name vrouwen hier last van hebben en in het bijzonder hoogopgeleide vrouwen. De combinatie van hoge verwachtingen van thuiswerken vanuit de medewerkster én mogelijk collega’s zelf, en het managen van thuisblijvende kinderen geeft veel spanningen. Terwijl lager opgeleide mannen hier het minste last van hebben; hun werk vindt meestal buitenshuis plaats en vaak is er sprake van een meer traditionele thuissituatie, waardoor zij weinig extra hinder hebben van de combinatie thuis / werk. Wat mooi is, uit onderzoek bleek dat we ondanks alle spanningen geen slechtere ouders zijn geworden. Dit staat blijkbaar los van de toename van huiselijk geweld, die ondertussen ook een bekend gevolg van de Corona lockdown is. Ook is aanvankelijk het aantal echtscheidingen flink gedaald. Misschien dat mensen die beslissing hebben uitgesteld vanwege de onzekere financiële situatie en huizenmarkt; of dat het besef elkaar nodig te hebben in tijden van crisis een rol speelt.

Werkfactoren

Tijdens corona is ook welzijn in een representatieve steekproef gemonitord. Op het werk hebben zorgpersoneel en mensen in andere dienstverlenende functiesmeer last van ongewenst gedrag van klanten, maar met name in het begin van de crisis verminderden juist intern de klachten over ongewenst gedrag van collega’s. De aanname is dat men in de samenwerking de schouders eronder heeft gezet. Zorgpersoneel ervoer ook meer steun van hun leidinggevenden; de focus lag op het overeind houden van essentieel personeel. Zo heeft het collectieve probleem van de Corona crisis de sfeer intern op het werk in sommige sectoren  juist verbeterd. Overigens geeft het verplichte thuiswerken aan medewerkers ook meer autonomie wat steevast positief wordt gewaardeerd.

Nieuwe sociale normen

Positief is dat nieuwe normen over samenwerken zich versneld ontwikkelen door de noodgedwongen aanpassingen op het werk. Nederland was al koploper in de ontwikkeling van ‘Het Nieuwe Werken’ en nu zijn er diverse zaken snel ‘het nieuwe normaal’ geworden.

PLATO*[2]: Flexibele werktijden en (deels) thuis werken. Communicatie via ‘app’-groepen en vergaderen online. We konden het allemaal dus toch vrij makkelijk organiseren. Hierdoor zijn de verwachtingen, het sociale contract, van de werkomgeving al veranderd. Uit de input van de HR professionals in de meeting bleek ook: werkgevers en werknemers moeten hierover in gesprek. Met als doel:  een nieuwe gezamenlijke etiquette rond samenwerken én de werk-thuisbalans. Het recht op onbereikbaarheid –  in Duitsland en Frankrijk al onderwerp van gesprek op wetgevend niveau – voor een werknemer is voorbeeld   van afstemming tussen werkgevers en hun medewerkers. Sommige grote werkgevers zoals Volkswagen gaan hier bijvoorbeeld al van uit voor wat betreft avond en weekend. Deze tijd daagt uit om te vernieuwen; business processen worden opnieuw ontworpen met de focus op wat er nu werkelijk nodig is om een organisatie te laten draaien.

Lastig leidinggeven

Wat wel duidelijk is: online werken vereist meer moeite doen om de relatie te laten groeien, met name ook van de leidinggevenden. Ze kunnen niet zo makkelijk rechtstreeks superviseren of overleggen. Het is lastiger om binding met de organisatie te behouden of met name om deze tot stand te brengen voor nieuwe medewerkers. Niet iedereen heeft ook dezelfde behoeftes; een young professional die begon met een eerste baan tijdens de eerste lockdown en contact met andere jonge mensen op festivals enorm mist, heeft andere behoeften dan een werkende ouder die van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat alle ballen omhoog houdt en daardoor continu overprikkeld en moe is.

Even snel een fles wijn afgeven bij een medewerker is goed bedoeld, maar kun je ook door een bezorger laten doen. Echte aandacht geven is het sleutelwoord, ook in de relatie met werknemers. Bel eens en vraag: “hoe gaat het nu écht met jou?” En goede ontwikkeling is bijvoorbeeld de zogenaamde ‘wandel-bila’. Leidinggevenden of collega’s spreken vaker met elkaar af om 1-op-1 overleg te voeren in de buitenlucht tijdens een wandeling of maken tijd om met elkaar te bellen en het niet alleen over de taken en resultaten van die week te hebben. Uit recent gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek blijkt wandelend coachen ook nog eens bewezen effectief bij burnout-achtige klachten!

Zoom- of Teams meeting

Bij online vergaderen mist het deel van de non-verbale communicatie en de onderonsjes met de buurman/-vrouw. Ook is er geen mogelijkheid tot de informele contacten voor, na en in de pauzes. Vermoedelijk is er in het overleg voor groepen tot ca 4 personen vrij weinig verschil met live bijeenkomen. Voor groepen tot ca 10 personen is er een belemmering in het informele aspect; je ziet elkaar slechts als postzegeltjes op het scherm. Voor groepen van 10 personen en meer werkt het niet echt goed: de belemmering is er in het non-verbale contact, zowel in het informele aspect.

Wat te doen als het mis is gegaan en er een (dreigend) conflict gepaard gaat met ziekmelding? Uit het gesprek tijdens onze kennissessie bleek dat een werkgever in de praktijk veel misverstanden kan voor komen door te zorgen dat een vaste procedure bij verzuim duidelijk is gecommuniceerd. De medewerker weet dan waar hij/zij aan toe is en wanneer welk contact of actie vanwege de werkgever zal komen. Ook is er vaak veel onzekerheid bij collega’s over welk gedrag van hen verwacht wordt. Mogen we die ene collega waarvan we niet precies weten waarom hij/zij ziek is nou wel of niet een appje sturen met beterschap of een kaartje sturen met diens verjaardag? Of dergelijk collegiaal contact wenselijk is bij verzuim, door conflict of ziekte, is iets dat werkgever en/of HR mee kunnen nemen als vraag aan de verzuimende medewerker. Dit kan helpen voorkomen dat een collega tijdens diens afwezigheid steeds minder verbinding ervaart.

Vanuit jurisprudentie is volstrekt helder is dat een werkgever een vergaande plicht heeft om te zorgen voor een gezonde werkplek. Ook bij thuiswerkende medewerkers moet een werkgever voldoende maatregelen nemen; anders mag de werknemer bijvoorbeeld werk weigeren. Barend van Luyn, advocaat vertelde daarover vanuit juridisch perspectief. “Een werkplek is een werkplek, ook als die thuis is. De aardappelfabriek moet ervoor moet zorgen dat de medewerkers hun vingers niet in de frietsnijder steken, het accountantskantoor moet ervoor zorgen dat mensen ook thuis een fatsoenlijke bureaustoel hebben. Die verplichtingen zijn gebaseerd op artikel 7:658 BW en op  artikel 3 Arbeidsomstandighedenwet. In 2006 heeft het gerechtshof Amsterdam al eens  bevestigd  dat die artikelen ook gelden voor de thuiswerkplek. De werkgever is verplicht daar beleid op te maken. In Duitsland werd een werkgever veroordeeld om de schade te vergoeden die een werknemer leed doordat hij tussen zijn bed en zijn thuiswerkplek zijn rug brak. In Nederland zou dat vermoedelijk niet het geval zijn. Wel heeft iemand die rsi oploopt van het werken aan de keukentafel het recht aan zijn zijde.”

Enkele deelnemers met HR-functies in de zorgsector vertelden dat bij hen geen sprake is van verminderd contact. Integendeel iedereen is (te) veel op de werkvloer en de gevolgen voor de (psychische en fysieke) belastbaarheid zijn niet best. In het algemeen geldt dat wanneer je in de zorg werkt je dat niet doet vanwege de hoge beloning. De maatschappelijke waardering voor de inzet is dan ook altijd al een belangrijke drijfveer en in feite cruciaal in deze tijden van crisis.  Toch is het belangrijk om ook de übergemotiveerde werknemer te wijzen op het belang van hersteltijd, zodat de energie duurzaam op peil blijft en er geen risico op langdurige uitputting ontstaat. Het zelf inroosteren en diensten (moeten) ruilen, blijkt in de praktijk niet altijd tot de beste roosters én genoeg tijd om te rusten te leiden. Dit heeft ook een andere risico voor de werkgever; het niet naleven van arbo-wetgeving.

Wordt vervolgd!

Al met al was het weer een mooie bijeenkomst met input vanuit verschillende disciplines naast de hoofdrol voor Marieke den Ouden deze keer. Voor ons is de meerwaarde van interdisciplinair kennis en ervaringen uitwisselen over actuele thema’s op de werkvloer heel duidelijk. Dus wat ons betreft organiseren we in de loop van 2022 weer twee van deze bijeenkomsten.

We hebben het voornemen de volgende kennissessie in te zoomen op de relatie tussen leidinggevende – de collega en de individuele medewerker bij zaken die op het snijvlak van (dreigend) verzuim en disfunctioneren / samenwerkingsproblemen liggen. Iets wat wij als mediators regelmatig meemaken en de vaak de vraag opwerpt: wie is er nodig om dit probleem/verzuim op te lossen én in welke volgorde?

Tot de volgende keer!

 

[1]Er is vooral geput uit twee themanummers van Gedrag & Organisatie, respectievelijk VOL. 34, NO. 3, 2021  en VOL. 34, NO. 4, 2021. Dit blad is gepeerreviewd. Sommige andere gevonden wetenschappelijke artikelen over de gevolgen van de Corona crisis zijn nog onder constructie in de zin dat bijvoorbeeld peer reviews nog niet waren gedaan.

[2] PLATO staat voor plaats en tijdonafhankelijk werken

verandermanagement en mediation

Veranderen is verbeteren!

Is het een oud Chinees spreekwoord? Dat weet ik eigenlijk niet. Maar er is vast een Oosterse wijsheid met die strekking. De meeste mensen houden namelijk niet van verandering; vooral niet als ze daarvoor zelf uit hun comfort zone moeten stappen. In zo’n ongemakkelijke situatie wil niemand horen dat verandering vaak verbetering is. Als de aanjager van verandering kun je beter vragen waar iemand zich zorgen om maakt en wat er nodig zou zijn om desondanks iets nieuws te proberen. Zijn er alleen maar nadelen, of zou dat nieuwe misschien ook iets kunnen opleveren?

Wijze les

Zelf kreeg ik de wijze woorden “verandering is vaak verbetering” kalmpjes voorgehouden door onze architect. Ik reageerde woedend op een afwijzing van de gemeentelijke welstandscommissie. Ons prachtige ontwerp voor een woonhuis moest helemaal over! Verschrikkelijk toch? Feit is dat het huis dat we bouwden naar het tweede veranderde ontwerp uiteindelijk toch mooier werd. Ik woonde er jarenlang heel fijn.

Verandering op het werk

In arbeids- en zakelijke mediations komt de wens tot veranderen geregeld ter sprake. Zakelijke partners gaan bijvoorbeeld onderzoeken of ze in goed overleg uit elkaar kunnen. Of een werknemer krijgt een andere functie aangeboden als deel van een oplossing. Het kan ook gebeuren dat een werknemer overweegt om helemaal zelfstandig verder te gaan; wellicht in een compleet ander beroep.

Zo’n levensgrote verandering heeft vaak even tijd nodig om goed te rijpen. Binnen een mediation kunnen we dat proces faciliteren. Het is onze ervaring dat een zaak vast loopt als deelnemers met te veel voortvarendheid wordt aangeraden een verandering linksom of rechtsom te accepteren terwijl ze dat (nog) niet zien zitten. Neem de tijd om een voorstel vanaf verschillende hoeken te bekijken, en eventuele zorgen mee te nemen in de vorm van de oplossing. Misschien wordt die er – net als toen mijn huis – nog wel beter van!

Oplossing

Open en eerlijk bespreken van een mogelijke verandering en mogelijke nadelen maar ook voordelen, brengt vaak uiteindelijk wel een oplossing of een doorbraak teweeg.
Het is spannend of ronduit eng voor de deelnemers om in beweging te komen tijdens een mediation. Zeker als de wens om het oude te behouden, uit angst of overtuiging heel sterk is. Het zogenaamde kantelmoment moeten we zorgvuldig begeleiden om te zorgen dat niemand iets toezegt waar hij of zij op terug komt. Het prettige van mediation is dat je dankzij de afgesproken geheimhouding vrijuit kunt filosoferen over mogelijke oplossingsrichtingen, zonder dat je gelijk aan elk idee vast zit. Pas als je overeenstemming hebt waar alle deelnemers hun handtekening onder hebben gezet, is er sprake van een vaststellingsovereenkomst met gevolg.

Achteraf horen we trouwens vaak dat mensen enorm opgelucht zijn dat ze zijn gaan bewegen. En dat dat zoveel positiefs heeft opgeleverd.

Corona crisis

Ook in de huidige crisis zijn mensen noodgedwongen van alles gaan veranderen. Nu horen we steeds vaker dat mensen verbaasd zijn dat die andere manier van werken ook voordelen blijkt te hebben. Of dat het zelfs ronduit beter is dan hoe ze het eerst deden. De voorbeelden zijn legio; ook van veranderingen die lang werden tegengehouden maar nu ineens snel tot stand kwamen.

In een interessante podcast (HR Top 100) vertelde Michel Visser (Global Director People Operations & Enablement) bij Unit4 dat ze daar tijdens de crisis werknemers van rol moesten laten wisselen. Er was geen werk in hun eigen functie maar Unit4 wilde die werknemers toch in dienst houden. Tot hun verrassing bleek het oude Chinese spreekwoord ook hier goed te werken. De werknemers waren veel wendbaarder dan gedacht en konden in hele andere rollen ook prima functioneren. Sterker nog: als ze daarna weer terugkwamen op hun oude plek wisten ze beter wat de collega’s op andere afdelingen nodig hebben. De praktijk van rol wisselen gaan ze er bij Unit4 dan ook in houden vanwege het positieve effect op werknemers en de bedrijfsvoering.

Nieuw beroep

Inmiddels heb ik zelf al heel wat goede veranderingen zien gebeuren of doorgemaakt. Het is onze ervaring dat in een arbeids-mediation verrassend vaak een werknemer tot het inzicht komt dat hij/ zij liever afscheid neemt terwijl de werkgever daar nog helemaal niet op aanstuurt.

De laatste grote verandering in mijn eigen werkzame leven was dat ik na mijn 50e nog eens ben begonnen aan een carrière als professioneel zakelijk mediator. Het was zeker spannend om weer serieuze opleidingen te volgen en accreditaties te behalen. Een nog grotere uitdaging om een succesvolle praktijk op te zetten. Dat ging heus niet allemaal probleemloos en vanzelf. Maar wat een verrijking hebben de afgelopen tien jaar mij al gebracht!

Week van de Mediation 2020 | ons ambassadeurschap voor méér mediation in Nederland

Van 19 tot en met 23 oktober is voor het vierde jaar op rij de Nederlandse Week van de Mediation.

Onze mediators zijn alledrie warm pleitbezorger van méér bekendheid van mediation. Zodat meer mensen een weloverwogen beslissing kunnen nemen of mediation wel of niet een mogelijke oplossing kan opleveren in een dispuut.

De voordelen zijn legio. Als je nog in staat en bereid bent om met de ander om tafel te gaan – of samen in te bellen op een video-conferencing-platform, dan kom je vaak sneller tot duurzame oplossingen. En, zeker voor ondernemers én werkgevers niet onbelangrijk: de rekening is ook nog fors lager dan als je via advocaten bij de rechtbank moet gaan procederen om een oplossing.

Voorkomen is altijd beter en nog effectiever dan achteraf genezen of herstellen met de mediator. Zeker in tijden van een dreigende crisis en oplopende spanningen door de Coronapandemie.

Daarom zetten wij ons deze editie van de Week van de Mediation in op conflictpreventie.

Ons aanbod
We bieden kosteloos een tweetal webinars aan, beide keren voor max 24 deelnemers.

* Maandag 19 oktober, 9.30 – 11.00 geven Tabitha van den Berg en Roderic van Voorst tot Voorst het webinar conflictvaardig communiceren in maatschappelijke organisaties. Wil je gelijk een (gratis) plekje reserveren, geef je dan hier op!

* Woensdag 21 oktober, lunchwebinar door Roderic van Voorst tot Voorst en Eline van Tijn: conflictvaardig ondernemen in het MKB. Wil je gelijk een (gratis) plekje reserveren, geef je dan hier op!

Naast deze activiteiten verwachten we ook in deze week de eerste podcast van onze stagiaire Veerle Hanssen te kunnen lanceren en is er natuurlijk ons jubileum/kennisevenement in de Grote Kerk in Monnickendam met de publicatie van ons jubileum magazine.

Meer activiteiten
Benieuwd naar andere activiteiten in de Week van de Mediation, georganiseerd door collega-mediators in het hele land? Neem een kijkje op de website Week van de Mediation 2020.

arbeidsconflict en verzuim

Wat kan er beter bij bestrijden verzuim door conflict?

Samen sparren brengt nieuwe inzichten

Vanuit Mediation Amsterdam zijn we groot voorstander van interdisciplinaire samenwerking én de gedachte: ieder zijn vak en deskundigheid. Dus in een mediation schuift soms ook een jurist of een boekhouder aan. We hebben zelf in een bijzondere kwestie een behandelend psychiater aan tafel gehad, in de rol van partijbegeleider én behandelaar. Dat bleek bijzonder nuttig voor alle betrokkenen. Vorige week zaten we weer met professionals uit diverse disciplines om de online vergadertafel en dat bracht – als altijd – weer nieuwe inzichten.

Blinde vlek

Een van de redenen om te investeren in een netwerk en ontmoetingen met mensen die allemaal rondom het conflict of onze cliënten en/of opdrachtgevers werken, is het feit dat ieder zijn blinde vlek heeft. Of zaken slechts ziet vanuit dat stukje dat hij/zij meeloopt met de betrokkenen.

Wij als mediators lopen een paar weken mee in een relatie die misschien al jaren schuurt. Of wij zijn de sluitpost van een conflict- en ziekteproces waarin al heel veel ondernomen is.

Kennisbijeenkomst
Op 11 juni j.l. organiseerden we in navolging van een bijeenkomst afgelopen oktober opnieuw een uitwisseling vanuit diverse beroepsgroepen. Ditmaal natuurlijk online, vanwege de Corona-maatregelen.

Een bont gezelschap van arbeids-mediators, HR-medewerkers, een vertrouwenspersoon, bedrijfsarts, advocaten en experts op het gebied van veilig werken en ongewenst gedrag wisselen in deze sessies met elkaar hun kennis en ervaring uit. Wat kunnen we van elkaars praktijk en expertise leren? en – niet onbelangrijk – waar kan het soms onverhoopt en onnodig mistig zijn?

Een kleine greep uit de onderwerpen en observaties die gedeeld werden in de sessie:

Bedrijfsarts is leidend maar niet bindend:

– Het advies van de bedrijfsarts is formeel slechts een advies, maar wordt in de praktijk snel als leidend aangenomen. Dan kan het gebeuren dat met name een medewerker niet openstaat voor het onderzoeken van oplossingen anders dan wat (ze denken dat) er in het advies van de bedrijfsarts staat.

– Als voorbeeld daarvan kwam langs: als een bedrijfsarts in zijn advies rondom verzuim én een (dreigend) arbeidsconflict gespreksbegeleiding, bijvoorbeeld mediation, adviseert, dan is voor een werknemer iets anders dan externe mediation vaak al niet meer bespreekbaar. Dat werkt soms escalatie in de hand, vooral als de leidinggevende en/of HR ook andere, laagdrempeligere manieren om een gesprek aan te gaan willen proberen.

– Het brede publiek legt al snel een verband tussen de term “mediation” en echtscheiding, waardoor het advies daartoe van de bedrijfsarts de werknemer het gevoel geeft dat op exit wordt aangestuurd.

Wie heeft de regie?

– Verzuim van een werknemer wordt (soms) geparkeerd bij HR, zodat de lijn en de werkvloer op afstand komen te staan. Juist de band met leidinggevende in de lijn en collega’s blijkt te helpen bij herstel (bij ziekte). Positieve aandacht richting de zieke werknemer toont betrokkenheid, maar stimuleert ook een gevoel van verantwoordelijkheid: je wordt gemist én jouw afwezigheid heeft effect op de werkdruk van jouw collega’s.

– Bij verzuim vanwege conflict is het soms de vraag of direct contact met de conflictpartij (leidinggevende of collega’s) zinvol is. Sommige organisaties houden strak vast aan de lijn dat een re-integratie-traject / plan van aanpak tussen deze leidinggevende en medewerker dient te worden besproken. Dat kan extra spanningen opleveren. Versterking van positie en veiligheid van werknemer heeft dan prioriteit. Misschien is dan tijdelijk een andere gesprekspartner voor het verzuimgedeelte beter. Bedrijfsarts en/of mediator moet echter ook weer niet meegaan in alle grillen van de zieke werknemer: conflict moet worden geadresseerd door de partijen tussen wie het speelt.

Managen en (goed) conflict managen zijn niet per se hetzelfde

– Managers zijn in het verleden vaak aangesteld op basis van anciënniteit of vakdeskundigheid. Niet omdat zij zo goed zijn als managers. Veel organisaties hebben de laatste jaren ingezet op cultuurverandering. Managers worden geselecteerd op basis van criteria zoals coachend leiderschap, luistervaardigheden en empathie. Ook zittend management kan d.m.v. een management development programma nieuwe handvatten aangereikt krijgen. Conflict en verzuimmanagement vragen aandacht, affiniteit en sterke sturing vanuit de organisatie: deze thema’s vragen om urgentie en daadkracht van alle betrokkenen.

Wordt vervolgd!
Wil je meer weten over deze thema’s of vanuit jouw professionele interesse op de hoogte gehouden worden van andere evenementen op het snijvlak verzuim en conflict op de werkvloer, stuur ons dan een mail!

 

Muzikale Troost Eline van Tijn

Muzikale troost in bijzondere tijden – deel 2

Ook onze zakelijke- en arbeidsmediator Eline van Tijn leeft haar hele leven al met muziek. Vandaag deelt zij in deel 2. haar tips om in deze bijzondere tijden even afleiding en troost te vinden.

‘Na het mooie initiatief van Roderic kan ik natuurlijk niet achterblijven.

Ook voor mij geldt: er is zoveel muziek waar ik blij van kan worden! Ik deel nu de nummers die als eerste opkomen:

Nummer 1: Brahms

Om te beginnen volg ik graag de klassieke koers van Roderic. Ik speel geen piano maar dwarsfluit en door een arrangement voor mijn fluitkwartet van de 3e symphonie van Brahms is dat een enorme favoriet van mij geworden.

Nummer 2: een vleugje New Orleans

Vervolgens neem ik iedereen graag mee naar New Orleans, waar ik zo vaak te gekke lokale artiesten heb horen spelen, zoals de fantastische blazers van de beroemde Preservation Hall Jazz Band

En jazz vormt maar een klein deel van het enorme rijke muzikale erfgoed uit New Orleans. Meer van deze tijd zijn de artiesten Stanton Moore, een van de beste drummers ter wereld, Trombone Shorty, waanzinnige trombonist, die zijn bijnaam verdiende omdat hij als kleuter van 3 al trombone speelde en Cyril Neville, steengoeie zanger uit de zwaar getalenteerde muzikale familie Neville. Ze spelen samen een nummer waar ik altijd op wil dansen. Zoals deze van Allen Toussaint, de lokale hitcomponist die helaas in 2015 is overleden, maar die ik gelukkig daarvoor nog vaak heb mogen zien en horen spelen.

Nummer 3: familie-favorieten

Zo kan ik nog eindeloos doorgaan, maar goed; wat ik nog graag wil delen is dit juweeltje, troostrijk nummer van mijn eigen muzikale man, Geert-Jan Hoek, ook nog eens geproduceerd door mijn eigen broer, Eric van Tijn, in onze eigen studio Soundwise.

En tot slot deze prachtige nieuwste versie van het oude succesnummer uit eigen stal, 15 miljoen mensen. Zojuist ten tijde van Corona gecoverd door Nederlandse topartiesten Snelle en Davina Michelle.

Zonder muziek kunnen we niet!’

website rijksoverheid

De gevolgen van de WAB – overzicht voor arbeidsmediators

Onze stagiaire Aniek Bakker is afgestudeerd jurist en heeft de afgelopen weken voor ons de gevolgen van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) voor de arbeidsmediationpraktijk op een rijtje gezet. Net als vele arbeidsrechtadvocaten zijn wij heel benieuwd wat deze relatief snelle en grote aanpassingen in de wet, de inkt van de voorganger  Wet Werk en Zekerheid (WWZ) heeft amper tijd gehad om te drogen, voor effect zal hebben in de praktijk.

Brengt deze wet de zo gewenste helderheid en dus minder conflict? Of zal deze wet, net als elke wet, maar voor een klein deel van de werkgevers en werknemers uitsluitsel geven, en blijft stevig onderhandelen en goed in gesprek blijven het devies om de relatie gezond te houden?

Als gespecialiseerde mediators (en juristen) zien wij dat de juridische weg vaak niet de meest effectieve weg is om een relatie constructief en effectief te onderhouden én, indien nodig, te beëindigen. Wij hopen dat naast de aandacht voor de WAB ook nut en noodzaak van mediation in arbeidsrelaties steeds meer gemeengoed zal worden.

We gaan het zien het komende jaar! En dan nu, het overzicht van de aankomende veranderingen door Aniek Bakker.

De Wet Arbeidsmarkt in Balans
Aandachtspunten voor de arbeidsmediator

De regels rond arbeidscontracten en ontslag gaan veranderen per 1 januari 2020. Straks geldt niet langer de Wet Werk en Zekerheid (WWZ), maar de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB). De WAB moet vaste contracten aantrekkelijker maken voor werkgevers en flexibele arbeid meer zekerheid bieden. De kloof tussen vaste contracten en flexibele contracten zal hierdoor minder groot worden. Zo gaat de WW-premie voor werknemers met een vast contract omlaag, wordt een nieuwe ontslaggrond geïntroduceerd, verandert de berekening van de transitievergoeding en wordt de ketenregeling aangepast. Daarnaast verandert de positie van de payrollwerknemers en de oproepkrachten. Deze maatregelen zijn dwingend van aard en daarom ook leidend bij het opstellen van een vaststellingsovereenkomst in een exit-mediation. Wat betekent de invoering van de WAB voor de mediation-praktijk? Een arbeidsmediator hoeft de WAB niet volledig in de vingers te hebben, maar het is wel van belang om bekend te zijn met de belangrijkste veranderingen en het daarbij behorende jargon. In deze bijdrage zullen we daarom stilstaan bij deze veranderingen en de vermoedelijke effecten hiervan in exit-mediations.

De transitievergoeding
De werkgever is de werknemer een transitievergoeding verschuldigd in het geval dat de werkgever het arbeidscontract opzegt. De werknemer heeft voortaan recht op transitievergoeding vanaf de eerste werkdag (dus ook tijdens de proeftijd). De werknemer krijgt straks voor elk dienstjaar 1/3 maandsalaris. Voor het resterende deel geldt de formule: (bruto salaris ontvangen over resterende deel arbeidsovereenkomst / bruto maandsalaris) x (1/3 bruto maandsalaris /12). De opbouw van de transitievergoeding is gelijk voor alle werknemers ongeacht hun leeftijd, soort dienstverband of de duur van het dienstverband.
Het wordt vanaf 1 januari goedkoper om vijftigplussers en werknemers met een dienstverband langer dan tien jaar te ontslaan (en wellicht aantrekkelijker om vijftigplussers aan te nemen). Onder de WWZ kregen deze werknemers namelijk een transitievergoeding die opgebouwd is uit één maandsalaris per dienstjaar.

N.B.: let op, het staat partijen die onderhandelen over een ontslagvergoeding als onderdeel van een vaststellingsovereenkomst met wederzijds goedvinden vrij om af te wijken van deze berekening.

De cumulatiegrond of i-grond
Het Nederlandse ontslagrecht kent momenteel acht wettelijke ontslaggronden. Deze zijn limitatief. De acht ontslaggronden zijn:
– bedrijfseconomisch ontslag (a-grond)
– langdurige arbeidsongeschiktheid (b-grond)
– frequent ziekteverzuim (c-grond)
– disfunctioneren (d-grond)
– verwijtbaar handelen of nalaten (e-grond)
– werkweigering wegens gewetensbezwaar (f-grond)
– verstoorde arbeidsverhouding (g-grond)
– ontslag wegens een restgrond (h-grond)

In het ontslagrecht zijn twee routes mogelijk: ontslag via het UWV of ontslag via de kantonrechter. De route loopt via het UWV in het geval dat sprake is van ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid of bedrijfseconomisch ontslag. De kantonrechter spreekt zich uit over de overige gronden. Vanaf 1 januari kan de kantonrechter op grond van de door de WAB geïntroduceerde i-grond of cumulatiegrond twee of meerdere ontslaggronden combineren. De kantonrechter kan een extra vergoeding naast de transitievergoeding toekennen indien het arbeidscontract beëindigd wordt volgens de cumulatiegrond. Deze extra vergoeding is maximaal vijftig procent van de transitievergoeding. Het wordt interessant om te zien hoe deze cumulatiegrond in de praktijk zal uitwerken. Wordt de gang naar de rechter hierdoor
aantrekkelijker? Gaat de discussie over de i-grond meespelen in de discussie over ontslagvergoedingen bij exit-mediations?

De WW-premie
Het moet voor werkgevers aantrekkelijker worden om meer werknemers een vast contract aan te bieden. De werkgever betaalt daarom vanaf 1 januari 2020 een lage WW-premie voor werknemers met een vast contract en een hoge WW-premie voor werknemers met een flexibel contract (alle andere dienstverbanden anders dan het dienstverband voor onbepaalde tijd).

De ketenbepaling
De ketenbepaling bepaalt wanneer elkaar opeenvolgende tijdelijke arbeidscontracten overgaan in een vast contract. Vanaf 1 januari 2020 kunnen werkgever en werknemer drie tijdelijke contracten in maximaal drie (nu twee jaar) aangaan. Het vierde contract is dan een vast contract. De pauze tussen de contracten blijft maximaal zes maanden. Bij tijdelijk terugkerend werk dat maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan geldt een maximum van drie maanden. De CAO mag in het voordeel van de werknemer afwijken van de ketenbepaling.

De positie van payrollwerknemers of uitzendkrachten
Een payrollwerknemer of uitzendkracht is in dienst van het payroll- of uitzendbedrijf, maar werkzaam bij een ander bedrijf (de inlener). Vanaf 1 januari 2020 krijgt de payrollwerknemer of de uitzendkracht dezelfde rechtspositie en arbeidsvoorwaarden als werknemers die in dienst zijn bij het bedrijf. In het geval dat het bedrijf geen mensen in dienst heeft en alleen werknemers inleent, gelden vergelijkbare arbeidsvoorwaarden van de desbetreffende sector.

Oproepovereenkomsten
Een oproepovereenkomst wordt in de wet gedefinieerd als een overeenkomst waarbij 1) de omvang van de arbeid niet is vastgelegd als één aantal uren per tijdseenheid van ten hoogste een maand of ten hoogste een jaar en het recht op loon van de werknemer gelijkmatig is gespreid over die tijdseenheid of 2) de werknemer geen recht heeft op het naar haar tijdruimte vastgestelde loon als hij niet gewerkt heeft. Ingevolgde de WAB moet een werkgever de werknemer met een oproepovereenkomst minimaal vier dagen van te voren oproepen (in de CAO mag van dit minimum afgeweken worden). De werknemer is verplicht om te reageren op deze oproep en indien de oproep binnen deze vier dagen wordt ingetrokken of gewijzigd, heeft de werknemer recht op loon voor de uren waar hij in eerste instantie voor was opgeroepen. Daarnaast moet de werkgever de oproepkracht met één jaar dienstverband een aanbod doen tot arbeidsovereenkomst met het gemiddeld aantal gewerkte uren van het voorgaande jaar. Indien de werkgever dit nalaat heeft de oproepkracht recht op loon over het gemiddeld aantal uren.

Gevolgen van de WAB in mediation / exit-onderhandelingen
We weten inmiddels welke wetswijzigingen de WAB met zich meebrengt, maar het is nog afwachten hoe de praktijk er uit gaat zien.

Is de WAB een voedingsbodem voor conflict of zorgt deze juist voor minder conflict door verduidelijking van de wetgeving ten opzichte van de WWZ?

Minder discussie over vertrekpremie?

De berekening van de transitievergoeding op grond van de WAB is in ieder geval helder en zal naar verwachting niet leiden tot extra conflict en daardoor meer mediations. Het lijkt een gevalletje ‘pech’ voor de werknemer indien de werkgever het arbeidscontract in 2020 beëindigt en niet in 2019. In het eerste jaar na de invoering van de WWZ waren werkgevers nog wel eens bereid om de voordelen uit het oude systeem te gebruiken bij de beëindiging van het arbeidscontract indien de werknemer akkoord ging met ontslag met wederzijds goedvinden. Het is mogelijk dat dit ook gebeurt na de invoering van de WAB.

De werkgever kan de berekening van de transitievergoeding op grond van de WWZ gebruiken om het voor de werknemer aantrekkelijker te maken om te vertrekken.

In mediation nemen partijen de hoogte van wettelijke transitievergoeding vaak als startpunt bij de onderhandeling over een vertrekvergoeding. Bij een ontslag met wederzijds goedvinden kan echter vrijelijk worden afgeweken van de wettelijke transitievergoeding.

Flex meer vast en dan?

En hoe zit het met de oproepkrachten? Zullen we straks meer werknemers met een flexibel contract treffen aan de mediationtafel?

De werkgever is straks door de WAB aan meer regels gebonden. Hierdoor zijn oproepovereenkomsten minder flexibel. Een oproepovereenkomst kan na één jaar vervangen worden door een tijdelijk arbeidscontract. In geval van verzuim en/of conflict is het voor de werkgever een kwestie van wachten tot het tijdelijke arbeidscontract afloopt. De kosten van mediation zullen voor werkgever in veel gevallen niet direct opwegen tegen de baten, dat neemt niet weg dat de re-integratie-verplichting wel blijft bestaan in geval van verzuim.

Minder mediaten door cumulatiegrond?

Ook rijst de vraag of werkgevers weer sneller een ontbindingsverzoek zullen indienen door de toegevoegde cumulatiegrond. Onder de WWZ werd een ontbindingsverzoek alleen goedgekeurd indien één van de aangedragen ontslaggronden volledig vervuld was. Voor werkgevers was het indienen van een ontbindingsverzoek een risicovolle onderneming, want de kans op succes was klein. Na de invoering van de WWZ zagen we zowel een stijging in het aantal afgewezen ontbindingsverzoeken (voor WWZ 9%, na WWZ 36%) als een daling in het aantal ingediende ontbindingsverzoeken.

De route naar ontslag ten tijde van de WWZ was veelal via beëindigingsovereenkomsten, wat volgens veel arbeidsmediators tot een toename van het aantal mediationtrajecten leidde.

Door de invoering van de WAB kan de kantonrechter straks twee of meerdere ontslaggronden combineren en dit zou ontslag eenvoudiger moeten maken. Betekent dit dat de werkgever weer eerder de ontslagroute via de kantonrechter kiest? Ontslag via de kantonrechter wordt wellicht eenvoudiger door de invoering van de WAB.

Maar!

Mediation heeft meer voordelen dan de gang naar de (kanton-)rechter! In mediation hebben partijen zelf invloed op de oplossing van het geschil en zijn zij niet overgelaten aan het oordeel van de kantonrechter. Vaak kunnen werkgever en werknemer binnen een week terecht aan tafel bij de mediator en is een traject binnen vier tot zes weken afgerond, voor de helft van de tijd en kosten die gemoeid zijn bij een juridische procedure.
Ook preventieve inzet van mediation biedt een kansen om spanning tussen werkgever en werknemer vroegtijdig uit de lucht te halen. Mediation is niet verplicht, maar kan een uitstekende basis bieden om de arbeidsverhouding tussen werknemer en werkgever duurzaam te herstellen, zodat de stap naar de kantonrechter geen ‘moeten’ meer is.

Kortom: de nieuwe wetswijzigingen hebben de nodige gevolgen voor werkgevers en werknemers, de voordelen van mediation in arbeidszaken blijven onveranderd groot!

Door: Aniek Bakker, jurist en stagiaire bij Mediation Amsterdam

Maatwerk en meer dan mediation

Wij hebben in onze praktijk met drie mediators gemiddeld zo’n 15 mediations tegelijk lopen. Mediaten kan en moet je niet wekelijks veertig uur non-stop achter elkaar door willen doen vinden wij. Dan gaan zaken door elkaar heen lopen, en kun je niet meer de kwaliteit en aandacht geven die wij onze klanten willen geven.

Naast mediation krijgen we ook regelmatig andere opdrachten binnen. Die lijken op mediation – aan de basis ligt vaak een conflict of een verlangen om een conflict te voorkomen – maar zijn toch net even anders.

Verzoeknummers
Zo coachen we op aanvraag individuen en teams, waar de communicatie met ‘de ander’ niet prettig en effectief verloopt. Welke patronen of gewoontes, verwachtingen en wensen liggen onder die wrijving verscholen?

Deze week voerde ik vier verkennende gesprekken voor coaching-opdrachten voor individuen en teams. Iets wat dan vaak gevraagd wordt is: vertel eens iets over jullie aanpak. En dat is héél logisch.

En tegelijkertijd is ons antwoord vaak: wat hebben jullie nodig?

Geen pasklare antwoorden
Want wij werken niet met een standaard methodiek waarna je na het invullen van een aantal vragenlijsten op basis van je kleur bijna pasklare antwoorden krijgt op wie je bent en waarom de samenwerking met collega B, net van een andere kleurtype, voor geen meter werkt.

Mensen zijn complex, en de interactie tussen mensen zo mogelijk nog ingewikkelder.

Wij geloven in luisteren en samen onderzoeken. Uiteraard hebben wij ook een toolbox (oplossingsgericht werken, inzichten uit de systeemdynamiek, tafelopstellingen, visual facilitation, evaluatieve mediation) vol interventies. En jarenlange ervaring waarmee we mét u, jou en jullie zoeken naar helderheid, meer inzicht en als het even kan meer begrip en plannen die samenwerken in de toekomst minder moeizaam gaan maken.

Gelukkig vinden de meeste mensen die ons benaderen dat een pré. Geen vast format, maar maatwerk. En co-creatie, samen stap voor stap de weg naar oplossingen vormgeven. Wij durven te leiden maar geloven ook in jullie potentieel.

Doen wat werkt. Zonder poespas samen zoeken naar de beste oplossingen. Daar staan wij voor.

Meer weten? Neem gerust contact op!

Goed weekend!