Webinar Conflictdiagnose

TERUGBLIK – Rouw op de werkvloer

In de Nationale Week van de Mediation, die dit jaar werd gehouden van 30 oktober tot 3 november, organiseerden wij onze halfjaarlijkse (ditmaal digitale) kennisbijeenkomst. Ditmaal met als thema: “Rouw op de werkvloer”

Ruim veertig mensen namen deel aan deze bijeenkomst om ervaringen en kennis te delen. “Rouw”, als onderwerp, blijkt nog vaak taboe maar heeft wel een flinke impact op (werk-)relaties. In dit artikel delen we de inzichten en tips van die ochtend.

Veel van de aanwezigen waren vertrouwenspersoon (43%), mediator (23%), of HR-manager (9%); slechts 19% had geen ervaring met rouw op de werkvloer, 34% eigen ervaring, 13% ervaring met rouw van collega’s en 34% kwam professioneel met rouw in aanraking; 50% van degenen die antwoord gaven op de betreffende vraag heeft geen protocol op zijn/haar werk in een grotere organisatie, 22% wel. (19% gaf aan dat dit voor hen niet van toepassing is).

Drie sprekers kwamen aan het woord, met ieder een heel  bijzondere bijdrage:

Marion Uitslag, auteur en onderzoeker. De ervaring van rouw of verlies is persoonsgebonden, niet voor iedereen gelijk. Marion vertelde bovendien dat actie pas mogelijk is na acceptatie en als ook het eigen aandeel of de eigen verantwoordelijkheid wordt erkend.

Parinaz Aminzadeh, maatschappelijk werker/vertrouwenspersoon in de ouderenzorg. In de ouderenzorg komt verlies bovenop verlies: gezondheid, relatie (als de partner overlijdt), eigen regie; er is te weinig tijd om het verlies goed te verwerken. (Partner)verlies veroorzaakt eenzaamheid, en leidt mogelijk tot rolverwarring.

Een rouwproces kan pas goed starten na inzien/acceptatie van het verlies. Een rouwproces heeft tijd nodig en kan vaak lang duren. De rouwbegeleider probeert hoop een andere vorm te geven, zodat de ouder wordende mens toch de lichtpuntjes blijft zien.

Cultuurgebondenheid: In sommige landen wordt een collega, na partner-verlies, als hij weer naar het werk wil/kan, opgehaald door collega’s, om de verbondenheid tastbaar te maken. Het verlies is niet eenzijdig, ook de werkgever verliest (zeker als er geen ruimte gegeven wordt voor herstel).

Van groot belang zijn: Ruimte geven voor het verhaal. Delen met elkaar. Maar: mensen durven vaak niet te vragen, bang voor de gevolgen van de vraag.

Ook: grote organisaties hebben regels, die beperken de ruimte die eigenlijk nodig is.

Willem Tukker, financial controller in een maatschappelijke organisatie. Op indringende wijze vertelt Willem Tukker over het verlies van zijn dochtertje Rosalin, die op 17 november 2022 op 9,5 jarige leeftijd aan een longinfectie overleed en hoe dit een emotionele aardbeving teweegbracht bij de ouders. Van groot belang is toen geweest de reactie van de leidinggevende die bestond uit een aantal onderdelen:

  1. werk komt wel weer
  2. neem je tijd
  3. wat kunnen we voor je doen?

Dit waren voor Willem de sleutels. Hij voelde begrip, die de ruimte boden voor herstel.

Ook vragen als: “vind je het fijn als er collega’s op de begrafenis komen?” toonden de zorg die op zo’n moment zo nodig is.

En terugkeer naar werk werd voorafgegaan door een kop koffie op kantoor, zonder druk om aan het werk te moeten gaan.

Er waren ook ongemakkelijke momenten. Zoals collega’s die wegduiken als ze je voor het eerste zien op het werk. Niet uit onwil maar uit onmacht. Of medewerkers die teveel vragen stellen (wat het gevoel gaf van sensatiezucht in plaats van echte empathie en belangstelling).

Die onmacht is begrijpelijk. We hebben de dood buiten de deur gezet, met hospices en verpleeghuizen en rouwcentra. Er wordt te weinig over de dood gepraat, en er is vaak onbegrip bij werkgevers/organisaties hoe hier mee om te gaan; er is de neiging om de oplossing te zoeken in regelgeving (twee weken rouwverlof, formele processtappen), maar dit werkt niet.

Anderzijds zijn er (kleinere) werkgevers, die niet zoveel flexibiliteit kunnen bieden, want langdurige uitval is niet goed te dragen. Toch blijft zoeken naar maatwerk belangrijk.

Het zou mooi zijn als er een training zou zijn, voor werkgevers (welke vragen wel, welke vragen niet stellen; hoe lang verlof; mogelijkheid tot inzet van loopbaanbudget) maar ook voor werknemers (pak de ruimte en vertel wat je nodig hebt). Van belang is om ook de effecten op lange termijn in ogenschouw te nemen.

Bij werkoverleg: eerst even inchecken (naam overledene noemen, evt. verjaardag, toon interesse en vraag na).

Rouw kun je niet behandelen, want rouw is geen ziekte.

 

Na deze ochtend met boeiende sprekers werd in kleine groepjes verder gesproken over het onderwerp en veel wat daarmee te maken heeft, waarna tot slot een korte terugkoppeling werd gegeven over de conclusies uit die gesprekken. Een paar daarvan waren:

  1. Verlies leidt tot meer verlies, zoals bij scheiding: verlies van partner, van (relaties met) kinderen, verlies van woning (ook vrijwillige verhuizing is verlies), halvering vriendenkring. Anderen willen helpen, nemen verantwoordelijkheid over. Maar van groot belang is zelf regie herpakken.
  2. Maatwerk is essentieel. Een “overlijdensprotocol” als handboek voor de werkgever, waarin zowel zakelijke als persoonlijke/emotionele zaken worden opgesomd, kan dienen als “keuzemenu” voor een zo goed mogelijke begeleiding in overleg met degene wie het betreft.
  3. Regelgeving is te beperkt (voorbeeld: dierbare buurman, die elke dag geholpen werd, overlijdt; voor de nabestaande betrokken buur is er geen verlof regeling). Werkgever moet flexibel zijn.
  4. Er zijn verschillende vormen van rouw. Werkgevers zouden “vaardig” moeten zijn in de opvang daarvan op managementniveau, en directie moet daarop toezien. Zeker in het geval van het overlijden van een collega.
  5. Niet alle vormen van rouw zijn direct zichtbaar. Moeilijk onderwerp, moet toch bespreekbaar worden gemaakt.

Al met al een zeer waardevolle ochtend. Met dank aan de sprekers en aan alle aanwezigen voor hun inbreng en actieve deelname. We kijken uit naar onze volgende interdisciplinaire bijeenkomst medio april. Interesse? Stuur ons een mailtje om op onze mailinglijst te komen!

Psychologie aan de mediationtafel

Psycholoog-mediator Mark Spaargaren duikt in deze serie in de wereld van de psychologie aan de mediationtafel. Hij maakt kennis met een tafelgast die altijd aanwezig is. Soms zichtbaar, meestal onzichtbaar. Deze keer: Cognitieve dissonantie.

Cognitieve dissonantie

Je bent op dieet, vind je gezondheid ook erg belangrijk, maar zegt toch geen nee tegen die vette hamburger. Of je wilt milieubewust leven en je ziet met lede ogen de klimaatverandering aan, maar neemt ook dagelijks een lange warme douche. Herkenbaar?

Gedrag en overtuigingen liggen soms mijlenver uit elkaar. De spanning die dit oproept, wordt cognitieve dissonantie genoemd. Deze spanning is ongemakkelijk en moet verminderd worden. Vaak gebeurt dit onbewust.

In het laatste voorbeeld kan de interne spanning verminderen door jezelf voor te houden dat jouw keuze om korter te douchen weinig effect heeft op klimaatverandering. Of je past je overtuiging aan: klimaatverandering wordt helemaal niet veroorzaakt door de mens. Of je onderhandelt met jezelf: ik zet de verwarming een graadje lager, dan douche ik zonder schuldgevoel.

De term is in de jaren 50 van de vorige eeuw door Leo Festinger opgetekend. Festinger deed onderzoek binnen een religieuze gemeenschap die voorspelde dat op een specifieke datum de wereld zou vergaan. Hij volgde de groep in de aanloop naar deze datum én daarna.  Wat bleek – zij waren na het uitblijven van de voorspelde vloedgolf niet verbitterd en gooiden hun geloof niet overboord. Zij hadden daarentegen hun overtuigingen bijgesteld: Juist door de hele nacht te waken, had de groep er voor gezorgd dat de vloedgolf uitbleef!

Hoe uit zich dat bij conflicten?

De essentie van de theorie is dat de mens niet van spanning houdt en (meestal onbewust) de dissonantie probeert te verminderen. Verschillen in overtuigingen en gedrag zien we ook in conflicten. Mensen vinden zichzelf over het algemeen vredelievende en alleszins redelijke personen. Dat ze dan toch in een conflict verzeild raken of agressief worden, zet deze overtuiging behoorlijk onder druk. Zeker als het dan ook nog niet lukt om het conflict zelf op te lossen.

Voor mensen die in deze situatie zijn beland, zijn er eigenlijk twee manieren om de spanning die dit oplevert te verminderen. De ene is om de schuld in zijn geheel bij de andere partij te leggen. De ander maakt het jou onmogelijk om vredelievend en redelijk te blijven. Als zij nou gewoon erkennen dat……, dan zou ik wel……! Hierdoor kan de overtuiging dat je, normaal gesproken, een vredelievend mens bent, blijven bestaan. Het gedrag van de ander vraagt immers iets anders van je.

De andere manier om de spanning te verminderen, is door te benadrukken hoe belangrijk jouw standpunt is. Om te kunnen verantwoorden waarom je bent ontploft (wat je anders nooit doet) of waarom een conflict de investering in een advocaat, rechtszittingen of mediation waard is, wordt de kwestie onbewust steeds meer uitvergroot. De overhangende takken, het onhandige mailtje van je leidinggevende of het gedrag van je partner krijgen mythische proporties. Hoe groter de investering, of hoe meer je gedrag afwijkt van hoe je naar jezelf kijkt, hoe groter de kwestie als probleem wordt ervaren.

Dit leidt er toe dat mensen soms doorvechten tot het hoogste gerechtshof. Toegeven of een compromis sluiten staat in schril contrast met het belang dat aan de kwestie is verbonden. Dit zou namelijk opnieuw enorme dissonantie opleveren.

Betekent dit dat mensen gevangen blijven in het conflict als ze eenmaal zo diep ingegraven zijn in hun eigen overtuigingen? Nee! We zien dagelijks aan de mediationtafel dat dit niet het geval is.

Tips

Wacht niet te lang met het bespreekbaar maken van het conflict via mediation of een andere manier van conflictbegeleiding! Hoe verder het conflict escaleert, hoe moeilijker het is om naar een oplossing te zoeken. De investering in gedrag en euro’s kan dan zo groot zijn, dat een minnelijke oplossing als (gezichts)verlies wordt ervaren.

In mediation kan de cognitieve dissonantie in eerste instantie groter worden. Er wordt immers van de partijen gevraagd ook naar het eigen handelen en de eigen opvattingen te kijken. Dit kan een pijnlijke blik in de spiegel zijn. Het is belangrijk een veilige omgeving te creëren aan de mediationtafel zodat beide partijen dit durven. De vertrouwelijkheid van het mediationproces is hiervoor een belangrijke voorwaarde.

Er zijn ook manieren om de neiging om cognitieve dissonantie te verkleinen juist in te zetten in mediation:

Focus op de overtuigingen die bijdragen aan de oplossing van het conflict. OK, je geeft aan jezelf als redelijk en vredelievend persoon te zien! Op welke manier zouden deze kwaliteiten kunnen bijdragen aan een oplossing?

Door in mediation op zoek te gaan naar de belangen onder en achter de standpunten, wordt de aandacht verlegd van de kwestie (de overhangende takken, het mailtje van de leidinggevende of het gedrag van de partner) naar wat dit voor de persoon betekend heeft en wat voor hem of haar echt belangrijk is. Dit kan pas als partijen eerst de ruimte hebben gehad om hun boosheid en ongenoegen te uiten. Pas daarna ontstaat ruimte voor de andere overtuiging: ik ben vredelievend, ik wil conflicten graag oplossen, ik ben redelijk en oplossingsgericht. Aandacht geven aan deze emoties, kan dus ruimte creëren voor ander gedrag en andere overtuigingen die in het heetst van de strijd ondergesneeuwd zijn.

Wat tot voor kort onoverbrugbaar leek, blijkt dan toch oplosbaar. Misschien niet op de manier die je van tevoren had bedacht, maar wel tot tevredenheid.

De dissonantie in jezelf, maar zeker ook in de relatie, is sterk verminderd.

Voor meer informatie, advies of een afspraak – neem gerust contact op!!

Nieuwe vormen van samenwerken en conflict

Verslag kennissessie Mediation Amsterdam 9 december 2021

Samenwerken in tijden van pandemie met organisatiepsycholoog dr. Marieke den Ouden.

Op 9 december jl. organiseerden wij een speciale online Corona-editie van onze interdisciplinaire kennissessies rondom psychisch verzuim, conflict en spanningen op de werkvloer.

Dr. Marieke den Ouden (Universiteit Utrecht) was bereid om onze bijeenkomst in te leiden, met de laatste wetenschappelijke ontwikkelingen rondom de gevolgen van Covid-19 voor de werknemers en de mogelijke gevolgen op conflicten op het werk.

Uit de research in recent gepubliceerde wetenschappelijke artikelen*[1] heeft Marieke al veel wetenswaardigs gehaald. De conclusies leggen de vinger op verschillende zere plekken, die ook in onze praktijk als mediators, inderdaad bron van onvrede en conflict kunnen zijn.

Anderzijds kwamen ook juist een aantal positieve gevolgen van de crisis aan bod. Ook op die positieve kanten de focus (ver)leggen kan helpend zijn in de dialoog tussen zowel werkgevers als werknemers.

Balans werk-privé

De bevinding dat door de Corona crisis de ‘work-family’ conflicten zijn toegenomen is misschien een open deur. Maar interessant dat met name vrouwen hier last van hebben en in het bijzonder hoogopgeleide vrouwen. De combinatie van hoge verwachtingen van thuiswerken vanuit de medewerkster én mogelijk collega’s zelf, en het managen van thuisblijvende kinderen geeft veel spanningen. Terwijl lager opgeleide mannen hier het minste last van hebben; hun werk vindt meestal buitenshuis plaats en vaak is er sprake van een meer traditionele thuissituatie, waardoor zij weinig extra hinder hebben van de combinatie thuis / werk. Wat mooi is, uit onderzoek bleek dat we ondanks alle spanningen geen slechtere ouders zijn geworden. Dit staat blijkbaar los van de toename van huiselijk geweld, die ondertussen ook een bekend gevolg van de Corona lockdown is. Ook is aanvankelijk het aantal echtscheidingen flink gedaald. Misschien dat mensen die beslissing hebben uitgesteld vanwege de onzekere financiële situatie en huizenmarkt; of dat het besef elkaar nodig te hebben in tijden van crisis een rol speelt.

Werkfactoren

Tijdens corona is ook welzijn in een representatieve steekproef gemonitord. Op het werk hebben zorgpersoneel en mensen in andere dienstverlenende functiesmeer last van ongewenst gedrag van klanten, maar met name in het begin van de crisis verminderden juist intern de klachten over ongewenst gedrag van collega’s. De aanname is dat men in de samenwerking de schouders eronder heeft gezet. Zorgpersoneel ervoer ook meer steun van hun leidinggevenden; de focus lag op het overeind houden van essentieel personeel. Zo heeft het collectieve probleem van de Corona crisis de sfeer intern op het werk in sommige sectoren  juist verbeterd. Overigens geeft het verplichte thuiswerken aan medewerkers ook meer autonomie wat steevast positief wordt gewaardeerd.

Nieuwe sociale normen

Positief is dat nieuwe normen over samenwerken zich versneld ontwikkelen door de noodgedwongen aanpassingen op het werk. Nederland was al koploper in de ontwikkeling van ‘Het Nieuwe Werken’ en nu zijn er diverse zaken snel ‘het nieuwe normaal’ geworden.

PLATO*[2]: Flexibele werktijden en (deels) thuis werken. Communicatie via ‘app’-groepen en vergaderen online. We konden het allemaal dus toch vrij makkelijk organiseren. Hierdoor zijn de verwachtingen, het sociale contract, van de werkomgeving al veranderd. Uit de input van de HR professionals in de meeting bleek ook: werkgevers en werknemers moeten hierover in gesprek. Met als doel:  een nieuwe gezamenlijke etiquette rond samenwerken én de werk-thuisbalans. Het recht op onbereikbaarheid –  in Duitsland en Frankrijk al onderwerp van gesprek op wetgevend niveau – voor een werknemer is voorbeeld   van afstemming tussen werkgevers en hun medewerkers. Sommige grote werkgevers zoals Volkswagen gaan hier bijvoorbeeld al van uit voor wat betreft avond en weekend. Deze tijd daagt uit om te vernieuwen; business processen worden opnieuw ontworpen met de focus op wat er nu werkelijk nodig is om een organisatie te laten draaien.

Lastig leidinggeven

Wat wel duidelijk is: online werken vereist meer moeite doen om de relatie te laten groeien, met name ook van de leidinggevenden. Ze kunnen niet zo makkelijk rechtstreeks superviseren of overleggen. Het is lastiger om binding met de organisatie te behouden of met name om deze tot stand te brengen voor nieuwe medewerkers. Niet iedereen heeft ook dezelfde behoeftes; een young professional die begon met een eerste baan tijdens de eerste lockdown en contact met andere jonge mensen op festivals enorm mist, heeft andere behoeften dan een werkende ouder die van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat alle ballen omhoog houdt en daardoor continu overprikkeld en moe is.

Even snel een fles wijn afgeven bij een medewerker is goed bedoeld, maar kun je ook door een bezorger laten doen. Echte aandacht geven is het sleutelwoord, ook in de relatie met werknemers. Bel eens en vraag: “hoe gaat het nu écht met jou?” En goede ontwikkeling is bijvoorbeeld de zogenaamde ‘wandel-bila’. Leidinggevenden of collega’s spreken vaker met elkaar af om 1-op-1 overleg te voeren in de buitenlucht tijdens een wandeling of maken tijd om met elkaar te bellen en het niet alleen over de taken en resultaten van die week te hebben. Uit recent gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek blijkt wandelend coachen ook nog eens bewezen effectief bij burnout-achtige klachten!

Zoom- of Teams meeting

Bij online vergaderen mist het deel van de non-verbale communicatie en de onderonsjes met de buurman/-vrouw. Ook is er geen mogelijkheid tot de informele contacten voor, na en in de pauzes. Vermoedelijk is er in het overleg voor groepen tot ca 4 personen vrij weinig verschil met live bijeenkomen. Voor groepen tot ca 10 personen is er een belemmering in het informele aspect; je ziet elkaar slechts als postzegeltjes op het scherm. Voor groepen van 10 personen en meer werkt het niet echt goed: de belemmering is er in het non-verbale contact, zowel in het informele aspect.

Wat te doen als het mis is gegaan en er een (dreigend) conflict gepaard gaat met ziekmelding? Uit het gesprek tijdens onze kennissessie bleek dat een werkgever in de praktijk veel misverstanden kan voor komen door te zorgen dat een vaste procedure bij verzuim duidelijk is gecommuniceerd. De medewerker weet dan waar hij/zij aan toe is en wanneer welk contact of actie vanwege de werkgever zal komen. Ook is er vaak veel onzekerheid bij collega’s over welk gedrag van hen verwacht wordt. Mogen we die ene collega waarvan we niet precies weten waarom hij/zij ziek is nou wel of niet een appje sturen met beterschap of een kaartje sturen met diens verjaardag? Of dergelijk collegiaal contact wenselijk is bij verzuim, door conflict of ziekte, is iets dat werkgever en/of HR mee kunnen nemen als vraag aan de verzuimende medewerker. Dit kan helpen voorkomen dat een collega tijdens diens afwezigheid steeds minder verbinding ervaart.

Vanuit jurisprudentie is volstrekt helder is dat een werkgever een vergaande plicht heeft om te zorgen voor een gezonde werkplek. Ook bij thuiswerkende medewerkers moet een werkgever voldoende maatregelen nemen; anders mag de werknemer bijvoorbeeld werk weigeren. Barend van Luyn, advocaat vertelde daarover vanuit juridisch perspectief. “Een werkplek is een werkplek, ook als die thuis is. De aardappelfabriek moet ervoor moet zorgen dat de medewerkers hun vingers niet in de frietsnijder steken, het accountantskantoor moet ervoor zorgen dat mensen ook thuis een fatsoenlijke bureaustoel hebben. Die verplichtingen zijn gebaseerd op artikel 7:658 BW en op  artikel 3 Arbeidsomstandighedenwet. In 2006 heeft het gerechtshof Amsterdam al eens  bevestigd  dat die artikelen ook gelden voor de thuiswerkplek. De werkgever is verplicht daar beleid op te maken. In Duitsland werd een werkgever veroordeeld om de schade te vergoeden die een werknemer leed doordat hij tussen zijn bed en zijn thuiswerkplek zijn rug brak. In Nederland zou dat vermoedelijk niet het geval zijn. Wel heeft iemand die rsi oploopt van het werken aan de keukentafel het recht aan zijn zijde.”

Enkele deelnemers met HR-functies in de zorgsector vertelden dat bij hen geen sprake is van verminderd contact. Integendeel iedereen is (te) veel op de werkvloer en de gevolgen voor de (psychische en fysieke) belastbaarheid zijn niet best. In het algemeen geldt dat wanneer je in de zorg werkt je dat niet doet vanwege de hoge beloning. De maatschappelijke waardering voor de inzet is dan ook altijd al een belangrijke drijfveer en in feite cruciaal in deze tijden van crisis.  Toch is het belangrijk om ook de übergemotiveerde werknemer te wijzen op het belang van hersteltijd, zodat de energie duurzaam op peil blijft en er geen risico op langdurige uitputting ontstaat. Het zelf inroosteren en diensten (moeten) ruilen, blijkt in de praktijk niet altijd tot de beste roosters én genoeg tijd om te rusten te leiden. Dit heeft ook een andere risico voor de werkgever; het niet naleven van arbo-wetgeving.

Wordt vervolgd!

Al met al was het weer een mooie bijeenkomst met input vanuit verschillende disciplines naast de hoofdrol voor Marieke den Ouden deze keer. Voor ons is de meerwaarde van interdisciplinair kennis en ervaringen uitwisselen over actuele thema’s op de werkvloer heel duidelijk. Dus wat ons betreft organiseren we in de loop van 2022 weer twee van deze bijeenkomsten.

We hebben het voornemen de volgende kennissessie in te zoomen op de relatie tussen leidinggevende – de collega en de individuele medewerker bij zaken die op het snijvlak van (dreigend) verzuim en disfunctioneren / samenwerkingsproblemen liggen. Iets wat wij als mediators regelmatig meemaken en de vaak de vraag opwerpt: wie is er nodig om dit probleem/verzuim op te lossen én in welke volgorde?

Tot de volgende keer!

 

[1]Er is vooral geput uit twee themanummers van Gedrag & Organisatie, respectievelijk VOL. 34, NO. 3, 2021  en VOL. 34, NO. 4, 2021. Dit blad is gepeerreviewd. Sommige andere gevonden wetenschappelijke artikelen over de gevolgen van de Corona crisis zijn nog onder constructie in de zin dat bijvoorbeeld peer reviews nog niet waren gedaan.

[2] PLATO staat voor plaats en tijdonafhankelijk werken

Geen familie(bedrijf) zonder ruzie!

Een familie zonder conflicten bestaat niet. Net als in ieder huwelijk of in elke samenwerking moet er wel eens iets botsen tussen de verschillende individuen. In de ene familie kan conflict escaleren in flinke ruzie tot zelfs complete oorlog, terwijl in de andere men na een botsing weer terug kan keren naar familiale harmonie. De behoefte aan harmonie is universeel. Die behoefte maakt vaak dat we onze ergernissen of eigen wensen voor de lieve vrede opzijzetten. Dat laatste kan precies de oorzaak zijn van escalatie op een later tijdstip, soms pas tientallen jaren later.

Ruzie in de familie is altijd pijnlijk. Vooral als het conflict eindigt met het verliezen van contact met een of meer familieleden. Eigenlijk komt de ruzie dan dus niet ten einde; ergens blijft het van binnen knagen. Als door een familieruzie ook nog eens het familiebedrijf ten onder gaat is de schade dubbel en dwars. Zo kopte het FD afgelopen week nog “Bonje in familiebedrijven berokkent onherstelbare schade“.

Ik vind het van groot belang om dat te voorkomen en vaak blijkt dat niet eens zo heel moeilijk te zijn. Zoals laatst een pater familias mij meldde: “Ik ben trots op ons; dat ene gesprek heeft al wonderen gedaan voor onze samenwerking!”

Gesprek uit ervaring
Als zakelijk mediator mag ik regelmatig families begeleiden met gedoe in hun familiebedrijf. Het bedrijf is meestal de trots van de familie en als men eenmaal over mijn drempel is, dan is motivatie groot om mee te werken aan de mediation. Het helpt ook dat ik zelf 30 jaar ervaring heb als ondernemer in een familiebedrijf. Er is over en weer herkenning van de typische dynamiek in familiebedrijven en minder gêne om het gesprek te voeren over de familiale conflicten. (NB Natuurlijk verliep de geschiedenis van mijn eigen bedrijf ook niet vlekkeloos; als je er meer over wilt lezen zie mijn artikel in ons jubileum magazine).

Mijn hulp wordt eigenlijk nooit ingeroepen door de oprichters van het familiebedrijf, maar door een lid van de tweede of zelfs derde generatie. Vervolgens lukt het hen om de andere leden van de familie te laten instemmen met een mediation-traject. Hoe slecht de onderlinge sfeer ook is en hoeveel boosheid en verdriet er leeft. Met name de oudere generatie heeft toch altijd het beste voor met de eigen (klein)kinderen.

Het wonder en de vuile was

Hoe komt het dat een mediation-traject binnen een familiebedrijf zo relatief eenvoudig en snel succes brengt? Het ‘wonder’ zit hem denk ik in de onderliggende familieband die altijd blijft bestaan. Die sterke band maakt dat iemand daarbinnen besluit dat hij of zij genoeg heeft van alle ruzies en dat er iets moet gebeuren. En hoewel het geen schande is om hulp van buiten in te roepen, is het ook heel belangrijk om de vuile was niet buiten te hangen. De mediator kan als neutrale derde conflictprofessional in vertrouwelijkheid de gesprekken begeleiden. Alleen al het feit dat familieleden bereid blijken om bij elkaar te gaan zitten met een mediator kan reden zijn om de ergste wrok te laten varen.

Samen aan de slag

Natuurlijk moet de vuile was nog wel gedaan worden! Het is hoognodig om van elkaar te horen over boosheid en verdriet. Wat is er misgegaan, waarover is men teleurgesteld of gekwetst. Meestal zijn deze gesprekken al in geen jaren of zelfs nog nooit gevoerd. Als mediator kan ik met alle respect deze confrontatie afdwingen omdat men het in feite al eens is over het gemeenschappelijke doel: het bereiken van een positieve toekomst voor de hele familie.

Heeft dit wel zin?

Het is heel normaal dat minimaal een paar familieleden of zelfs iedereen twijfelt of dat gemeenschappelijk doel wel haalbaar is. De eerste gezamenlijke mediationbijeenkomst is iedereen vaak vrij gespannen. Alles wat gezegd wordt moet daarna nog even bezinken. Toch volgt er dus meestal vrij snel een kentering, waarbij de familie weer elkaars kracht en kwaliteiten gaat zien. Geweldig mooi om mee te maken! Ze hebben mij al snel niet meer nodig en gaan weer samen aan de slag met alle capaciteiten die er al waren. Waarbij iedereen realistisch genoeg is om te begrijpen dat er heus nog wel eens confrontaties zullen zijn. En dat is juist goed en nodig om een familiebedrijf toekomstbestendig te houden.

Zelfhulp / tips

Wat kun je zelf al doen als het schuurt in het familiebedrijf en je wilt er graag samen uit komen?

– Maak een afspraak om in alle rust bij elkaar te komen.

– Probeer het gesprek op gang te brengen aan de hand van wat voorbereiding.
– Vraag je meewerkende familieleden om ieder voor zich de antwoorden op de volgende vragen op te schrijven.

– Voer het gesprek aan de hand van ieders input.

Vragen ter voorbereiding op het familiegesprek

– Wat betekent onze samenwerking voor jou persoonlijk?

– Waarover maak je je (het meeste) zorgen?

– Wat heb je nodig van de anderen om tot een goede samenwerking te komen?

– Wat heb je zelf te bieden aan de anderen?

– Welke uitdagingen zie je voor jezelf als je goed voor jezelf en je eigen belangen wilt zorgen zonder de anderen te schaden?

 

How to survive – nieuwe lockdown

Pffff. Ik heb familieleden in de zorg, en snap de urgentie en noodzaak om duidelijke keuzes te maken in de strijd tegen het Corona-virus en de verspreiding.

Maar eerlijk is eerlijk, na maandagavond zakte de moed me even in de schoenen.

Als ondernemer was ik nog bezig het forse verlies aan omzet uit de eerste helft 2020 weg te werken, en als moeder van drie kinderen heb ik de complexiteit en frustraties van het thuisonderwijs eerder dit jaar nog vers in mijn geheugen. Daarbij heb ik gezinsgenoten met ADHD en autisme, dus het ontbreken van structuur, dealen met onzekerheid en onvoldoende afleiding buitenshuis is op zijn zachtst gezegd een ‘dingetje’.

Daar gaan we weer…. Hoezo wisten we dit niet eerder? Is het sluiten van het primair onderwijs niet een oneigenlijke manier om thuiswerken af te dwingen? Hebben die bewindslieden zelf wel eens geprobeerd thuis te werken met drie sjacherijnige kinderen om zich heen?

Eerlijk is eerlijk, al die gedachtes gingen door me heen. Ik sliep een nacht slecht en heb, nu een kleine twee dagen later, op de eerste dag kinderen thuis, moeite met omschakelen.

Ik zal de enige niet zijn.

Als mediators zagen we de afgelopen maanden ook hoe collega’s en zakelijk partners worstelden met de emotionele en economische belasting van COVID19 en hoe dat mensen én relaties onder druk zette.

Hebben we tips, vroeg een studente vorige week toen ze me interviewde.

Ja, en nee.

De meeste tips zijn namelijk nogal ‘ja dûh’, en van het type ‘open deur’. Uiteindelijk zitten we allemaal in hetzelfde schuitje, en heeft toch iedereen weer iets anders nodig.

Enkele algemene tips voor het onderhouden van je professionele relaties de komende weken:

– Heb een goed gesprek over wat wel en niet kan gezien de veranderde omstandigheden.

– Schuw een gesprek niet over ‘hoe gaat het nu echt, en wat heb je van mij/de organisatie nodig?’

– Wees mild naar elkaar en voor jezelf: online werken, vanuit huis, aan het einde van het jaar met wellicht ook nog zorg voor of juist gemis van familieleden is geen ‘business as usual’.

– Denk na over creatieve oplossingen. Misschien is het tuinhuisje van collega A wel een geschikte stilteplek voor die jonge collega B die nog thuis woont in een druk huishouden en daardoor dat beleidsstuk niet af krijgt.

– Merk je dat je recht tegen over elkaar dreigt te komen staan over bijvoorbeeld vaccineren of wel/niet naleven van de lockdown: zoom uit. Een discussie over meningen en feiten levert vaak meer afstand op. Een gesprek over onderliggende zorgen en wensen van iemand met een ‘minderheidsstandpunt’ kan zorgen voor meer begrip en misschien zelfs betere besluiten. Een mooi filmpje in deze is deze animatie van Human Dimensions over Sabotage en de wijsheid van de minderheid.

Mijn persoonlijke voornemens de komende weken:

– Een plan maken met mijn partner, wie werkt wanneer en waar, en wat doet de ander dan om de kinderen te vermaken?

– Veel wandelen.

– Investeren in self care: toch maar die lekkere fairtrade geurkaars en lekkere bodylotion kopen.

– Regelmatig inchecken met collega’s van kantoor en andere bevriende professionals via Zoom. Even met een kop koffie of thee bespreken hoe het gaat, en nadenken over wat er nog wel kan online de komende weken.

– Opruimen en administreren. Gedurende het jaar schiet het opschonen van de dropbox, bijhouden van de registratie-vereisten van het MfN en organiseren van mijn mailbox er nog al eens bij in. Ik ga goed op het gevoel om nuttig bezig te zijn, dus ik maak lijstjes met dit soort klussen om toch het gevoel te houden productief te zijn.

– Eindelijk een paar boeken lezen die al lang op mijn nachtkastje stof liggen te vergaren.

Enkele tips en ideeën die we eerder deelden:

– Lees gratis online ons jubileummagazine (of maak eens één van onze favoriete recepten, zoals de oefening in geduld dankzij zelfgemaakte mandarijnenjam van Roderic!).

– Luister naar troostrijke muziek, wij deelden onze favorieten

– Tips voor DIY – conflictmanagement om bestaande conflicten juist in deze tijd van het jaar op te lossen

Wat kan er beter bij bestrijden verzuim door conflict?

Samen sparren brengt nieuwe inzichten

Vanuit Mediation Amsterdam zijn we groot voorstander van interdisciplinaire samenwerking én de gedachte: ieder zijn vak en deskundigheid. Dus in een mediation schuift soms ook een jurist of een boekhouder aan. We hebben zelf in een bijzondere kwestie een behandelend psychiater aan tafel gehad, in de rol van partijbegeleider én behandelaar. Dat bleek bijzonder nuttig voor alle betrokkenen. Vorige week zaten we weer met professionals uit diverse disciplines om de online vergadertafel en dat bracht – als altijd – weer nieuwe inzichten.

Blinde vlek

Een van de redenen om te investeren in een netwerk en ontmoetingen met mensen die allemaal rondom het conflict of onze cliënten en/of opdrachtgevers werken, is het feit dat ieder zijn blinde vlek heeft. Of zaken slechts ziet vanuit dat stukje dat hij/zij meeloopt met de betrokkenen.

Wij als mediators lopen een paar weken mee in een relatie die misschien al jaren schuurt. Of wij zijn de sluitpost van een conflict- en ziekteproces waarin al heel veel ondernomen is.

Kennisbijeenkomst
Op 11 juni j.l. organiseerden we in navolging van een bijeenkomst afgelopen oktober opnieuw een uitwisseling vanuit diverse beroepsgroepen. Ditmaal natuurlijk online, vanwege de Corona-maatregelen.

Een bont gezelschap van arbeids-mediators, HR-medewerkers, een vertrouwenspersoon, bedrijfsarts, advocaten en experts op het gebied van veilig werken en ongewenst gedrag wisselen in deze sessies met elkaar hun kennis en ervaring uit. Wat kunnen we van elkaars praktijk en expertise leren? en – niet onbelangrijk – waar kan het soms onverhoopt en onnodig mistig zijn?

Een kleine greep uit de onderwerpen en observaties die gedeeld werden in de sessie:

Bedrijfsarts is leidend maar niet bindend:

– Het advies van de bedrijfsarts is formeel slechts een advies, maar wordt in de praktijk snel als leidend aangenomen. Dan kan het gebeuren dat met name een medewerker niet openstaat voor het onderzoeken van oplossingen anders dan wat (ze denken dat) er in het advies van de bedrijfsarts staat.

– Als voorbeeld daarvan kwam langs: als een bedrijfsarts in zijn advies rondom verzuim én een (dreigend) arbeidsconflict gespreksbegeleiding, bijvoorbeeld mediation, adviseert, dan is voor een werknemer iets anders dan externe mediation vaak al niet meer bespreekbaar. Dat werkt soms escalatie in de hand, vooral als de leidinggevende en/of HR ook andere, laagdrempeligere manieren om een gesprek aan te gaan willen proberen.

– Het brede publiek legt al snel een verband tussen de term “mediation” en echtscheiding, waardoor het advies daartoe van de bedrijfsarts de werknemer het gevoel geeft dat op exit wordt aangestuurd.

Wie heeft de regie?

– Verzuim van een werknemer wordt (soms) geparkeerd bij HR, zodat de lijn en de werkvloer op afstand komen te staan. Juist de band met leidinggevende in de lijn en collega’s blijkt te helpen bij herstel (bij ziekte). Positieve aandacht richting de zieke werknemer toont betrokkenheid, maar stimuleert ook een gevoel van verantwoordelijkheid: je wordt gemist én jouw afwezigheid heeft effect op de werkdruk van jouw collega’s.

– Bij verzuim vanwege conflict is het soms de vraag of direct contact met de conflictpartij (leidinggevende of collega’s) zinvol is. Sommige organisaties houden strak vast aan de lijn dat een re-integratie-traject / plan van aanpak tussen deze leidinggevende en medewerker dient te worden besproken. Dat kan extra spanningen opleveren. Versterking van positie en veiligheid van werknemer heeft dan prioriteit. Misschien is dan tijdelijk een andere gesprekspartner voor het verzuimgedeelte beter. Bedrijfsarts en/of mediator moet echter ook weer niet meegaan in alle grillen van de zieke werknemer: conflict moet worden geadresseerd door de partijen tussen wie het speelt.

Managen en (goed) conflict managen zijn niet per se hetzelfde

– Managers zijn in het verleden vaak aangesteld op basis van anciënniteit of vakdeskundigheid. Niet omdat zij zo goed zijn als managers. Veel organisaties hebben de laatste jaren ingezet op cultuurverandering. Managers worden geselecteerd op basis van criteria zoals coachend leiderschap, luistervaardigheden en empathie. Ook zittend management kan d.m.v. een management development programma nieuwe handvatten aangereikt krijgen. Conflict en verzuimmanagement vragen aandacht, affiniteit en sterke sturing vanuit de organisatie: deze thema’s vragen om urgentie en daadkracht van alle betrokkenen.

Wordt vervolgd!
Wil je meer weten over deze thema’s of vanuit jouw professionele interesse op de hoogte gehouden worden van andere evenementen op het snijvlak verzuim en conflict op de werkvloer, stuur ons dan een mail!

 

Muzikale troost in bijzondere tijden deel 4

Liefde in muziek

Na de vele positieve reacties op de eerder gepubliceerde “shortlist” van rustgevende muziek voor deze onrustige tijden, hierbij een nieuw lijstje van stukken om even tot bezinning te komen. Deze keer bespreekt Roderic enkele prachtige klassieke stukken uit de opera en kamermuziek.

Tussen de enorme stroom van afzeggingen van evenementen kwam vorige week ook het nieuws dat de Bayreuther Festspiele in juli en augustus dit jaar niet doorgaan. Wie niet van Wagner houdt zal het waarschijnlijk worst wezen, zijn muziek is voor hen eindeloos lang en te zwaar. Toch was Wagner een ongekende vernieuwer in de muziek en meer specifiek in de opera, die hij ontwikkelde tot “Gesamtkunstwerk”.

Zijn muziek vertolkt emoties vaak op een heel directe manier, dus een Wagner-opera van vier uur gaat je bepaald niet in de kouden kleren zitten en dat is voor een heel aantal mensen begrijpelijk “too much”. De liefhebbers krijgen er daarentegen geen genoeg van!

Richard Wagner was een rokkenjager, trouwde tweemaal en onderhield buitenechtelijke affaires. Zijn tweede vrouw, Cosima, was de dochter van zijn (twee jaar oudere) beste vriend Frans Liszt. Cosima was zelf 24 jaar jonger dan Richard.

Voor haar 33ste verjaardag op 25 december 1870 liet hij een klein kamermuziekgezelschap thuis een aubade aan haar spelen: de Siegfried-Idyll. Richard en Cosima waren toen net vier maanden getrouwd. Zijn liefde voor haar stroomt uit deze muziek, die “slechts” 20 minuten duurt (voor diegenen die “Isolde’s Liebestod” teveel vinden).

Liefde en Drama

Uiteraard is “liefde” een veelvoorkomend thema in de muziek – er is vrijwel geen opera waarin de liefde niet wordt bezongen. Liefdesduetten, liefdesgedichten en aubades, al dan niet beantwoord en al dan niet met happy end – een keuze is lastig te maken. Maar als het dan toch moet: Maria Callas in Puccini’s opera Tosca, waarin zij tot God bidt vanwege haar liefde voor haar man, die gevangen is genomen (en aan het eind van de opera ook wordt vermoord).

Lieve (vergeten) muziek

En als het niet over liefde zelf gaat? In het kader van “lieve muziek” vallen een aantal stukken van Anton Arensky (1861-1906). Het oordeel van “salonmuziek”, vanwege de lichte charme en weinig inventieve harmonie, heeft Arensky tot een enigszins vergeten componist gemaakt. Daarom van hem maar liefst drie stukken, want ook “easy listening” muziek heeft kracht en waarde, al was het maar door het vermogen om mensen ervan te laten genieten.

  1. Op. 43: No. 5. Andantino door Martin Cousin
  2. Op. 43: No. 6. Allegro moderato door Martin Cousin
  3. Op. 41: No. 2 in F-Sharp Major door Adam Neiman

Benieuwd naar de eerdere 3 lijstjes van Roderic, Eline en Tabitha?

Muzikale troost in bijzondere tijden deel 3

We zitten alweer in week vier van Social Distancing. Het is raar om te merken hoe ook mijn gevoel over deze periode heen en weer slingert. Tussen dankbaarheid,  voor gezond zijn, sinds vorig jaar een huis mét tuin te hebben, kinderen die het naar omstandigheden goed doen, en onzekerheid, soms zelfs angst. Over ons inkomen, wat er komen gaat, en, sinds gisteren ook over geliefden. Zonder er teveel over uit te willen wijden, is er nu reëele zorg over een naast familielid dat in – werkend in een zorginstelling – mogelijk besmet is. En uiteraard gewoon geheel ingepakt doorwerkt zo lang het kan, want collega’s zijn al ziek en voor de cliënten moet gewoon gezorgd worden. Dat bericht kwam binnen…

Des te harder heb ook ik behoefte aan mooie dingen, zoals troostrijke en opbeurende muziek. Mijn collega’s Roderic en Eline gingen vorige week al voor.

Mijn favorieten:

Erbarme Dich van Bach. De versie die violiste Lisa Batiashvili speelde inclusief speech, enkele weken na de MH17 ramp op het slotconcert van het Grachtenfestival raakt me keer op keer. Haar woorden “There is something unique en divine in all of us, and we should remember it in dark times” zijn raak en troostend.

– “Ubi Caritas”, een gezongen gebed uit Taizé, een op (wereld-)vrede gestoelde geloofsgemeenschap in Frankrijk waar ontmoetingen worden georganiseerd tussen jongeren van over de hele wereld, ongeacht (geloofs-)achtergrond.

– Van heel andere orde, maar beeldschoon over de behoefte aan verbinding in een relatie: Pink en Nate Ruess “Just Give me a reason

– Misschien ook omdat Liesbeth net overleden is, maar ook lang daarvoor was ik al fan van dit nummer uit 2005: Alderliefste, Ramses Shaffy en Liesbeth List: “Vivre / Laat me“, eigenlijk geen troostrijk nummer, maar door de liefdevolle samenwerking van deze twee artiesten en de band toch een nummer dat ik heel graag luister.

– Passend bij deze week vlak voor Pasen, is deze versie van “Wie heeft de zon / Ik leef mijn leven” van Jeangu Macrooy, Tommie Christiaan en Brainpower. Het nummer uit de Passion van 2018 schuurt, doet een beetje pijn en is indringend mooi. Ik was bij tijdens de opnames in Amsterdam Zuid-Oost en ook toen kwam het nummer vol binnen.

– Magisch, dapper en zo vol van hoop (naast de fenomenale muziek): Het West Eastern Divan Orchestra met het legendarische concert in Rammalah in 2005 o.l.v. Daniel Barenboim. Dat deze jonge Israëli en Palestijnse musici op die plek samen muziek konden maken, met alles wat daar voor nodig was, is zo’n krachtig, bijna wonderbaarlijk feit. Ik hoop vurig dat het eens ‘normaal’ wordt dat in die twee landen zonder problemen samen muziek gespeeld kan worden.

Voor iedereen in deze buitengewoon bijzondere en tegelijkertijd verdrietige tijden, toch een mooi pasen en fijn ontluikend voorjaar gewenst.