beroepsdeformatie van de mediator
Als mediators zijn we – ook in onze vrije tijd – veel bezig met vakontwikkeling. Inspiratie en “aha!”-momenten doen zich soms op bijzondere plekken voor. Diederik Diercks en Tabitha van den Berg wisselen in deze blogserie wekelijks hun ervaringen uit. Vandaag reageert Diederik op de blogbrief van Tabitha van vorige week, die eindigde met een lastige vraag; wat moet er eerst?
Ha Tabitha,
Leuk om te horen! En goede vraag, waar ik het antwoord niet op heb: “start de oplossing van ieder conflict altijd met eerst het sorteren van je eigen interne emotionele chaos? Of kan het ook andersom, eerst de relaties met de buitenwereld helen en daarna vrede sluiten met jezelf?” Hoewel, misschien heb ik wel een antwoord, maar dat behoeft wat toelichting.
Ik zat eerder dit jaar in een mediation tussen twee mannen die het niet meer wisten. Ik had ze van tevoren gesproken en in die voorgesprekken waren ze best genuanceerd. Over de situatie, over elkaar, over de zichzelf. Zoals je weet is dat eerder uitzondering dan regel. Vaak zijn mensen zo boos, zo geraakt, zo machteloos, dat er geen kleuren meer zijn. Alle is zwart-wit. De ander is slecht, zij zijn slachtoffer, ze hadden geen keus.
Maar zo niet mijn heren. Die waren wel moedeloos, ze hadden al zo veel geprobeerd, maar ze begrepen elkaar niet. Maar ze konden ook niet verder zonder elkaar. Voor een oplossing hadden ze elkaar nodig. En dus kwamen ze bij mij. In het mediationgesprek bleek dat er eigenlijk geen vertrouwensbasis meer was om op verder te gaan. Dat hadden ze allebei al wel gevoeld, maar niet tegen elkaar kunnen zeggen. Nu kon dat pas, met een mediator erbij. Ze konden hun eigen duivels binden doordat de ander ruimte gaf. Ze waren eerlijk naar zichzelf, waardoor ze ook eerlijk naar de ander konden zijn.
En ik denk dat het in mediation altijd een beetje zo is: mensen zitten in de knoop met zichzelf én de ander. Mijn stelling is dat conflicten waarin er geen sprake van die combinatie is niet zo ver escaleren. Die zien wij niet. Of, zoals mijn vrouw altijd zegt wanneer ik weer problemen zit te zoeken waar ze eigenlijk niet zijn: “weet je wel dat er heel veel mensen ook gewone (arbeids)relaties hebben?”.
Om de één of andere reden hebben wij ervoor gekozen om altijd tussen mensen in te gaan zitten bij wie het heel ver gekomen is. Die mensen zijn dan niet gek, zeker niet. Maar we moeten wel onthouden dat de situatie niet normaal is. Of misschien moet ik zeggen: niet gemiddeld is. Eén van de mooiste filmpjes daarover heb ik hieronder gezet.
Een mooie reminder voor mediators: wij treffen mensen op en raar moment waarin ze zich vaak lelijk gedragen. En het is goed voor ons om te onthouden dat ze zich vaak heel anders gedragen. Net zoals wij niet willen worden beoordeeld op hoe wij ons gedragen wanneer we in een heeeeele lange rij staan er ineens iemand voordringt.
Overigens, Tabitha, wat ik me afvraag, waar ligt voor jou de grens? Op welk moment wordt gedrag zo lelijk/raar, dat er voor jou geen mediation meer mogelijk is?
Groet Diederik

