Mediation en autisme
Een week per jaar wordt er Nederland aandacht gevraagd voor autisme. Het thema van de landelijke autismeweek dit jaar was ‘Ruimte voor Autisme’. Over autisme, of autisme spectrum stoornis (ASS) zoals de diagnose officieel heet, bestaan veel vooroordelen. Ook onder mediators. In dit blog van onze collega Tabitha van den Berg enkele manieren waarop je als mediator ruimte kunt maken voor ‘breindiversiteit aan tafel’.
Voortschrijdend inzicht
Tabitha: ‘Het denken over autisme is (gelukkig) aan ontwikkeling onderhevig. De term neurodiversiteit, die breder is dan alleen autisme, is in opmars. Onder andere op basis van data van de Wereldgezondheidsorganisatie wordt geschat dat één op de zeven mensen wereldwijd een ‘anders opererend’ brein heeft, dat wil zeggen een brein dat informatie en prikkels op een andere manier verwerkt. Denk dan bijvoorbeeld aan mensen met hoogbegaafdheid, dyslexie, AD(H)D of autisme. Langzaamaan wordt duidelijk dat een inclusieve werkvloer ook betekent oog hebben voor verschillende breinen in de werksetting. Dat is (nog) niet altijd vanzelfsprekend. Voor mij is dit thema niet alleen relevant als arbeidsmediator, maar ook privé heb ik te maken met de gevolgen van niet-inclusief onderwijs en de worsteling van dierbaren die te maken hebben met onbegrip en stress doordat de maatschappij grotendeels is ingericht op ‘het gemiddelde’ brein.’
Autisme en (kans op) conflict
De meeste mensen die zich identificeren als autist en/of de diagnose autisme hebben, ervaren moeilijkheden in de communicatie met niet–autistische mensen. Samenwerken kost hen méér energie. Voldoen aan normen die niet bij je passen, omgaan met verschillende verwachtingen en moeite hebben met periodes van onduidelijkheid en transitie; dit kan allemaal een bron van stress en een voedingsbodem voor conflict vormen. Niet kunnen meekomen in een wereld waarin jouw behoeften en talenten minder zichtbaar zijn of minder gewaardeerd worden dan die van een ander heeft een prijs. Bijvoorbeeld ziekte en/of conflict op de werkvloer. Een situatie met allemaal verliezers. Kan dat anders? En kan bemiddeling of mediation daarbij een rol spelen? Bij ons op kantoor geloven we van wel.
Beter aansluiten op behoeften
Laten we voorop stellen dat je als mediator altijd te maken hebt met mensen in een stressvolle setting; een conflict op het werk is per definitie geen feestje. Speelt daar dan nog extra ongemak doorheen, vanwege stigma, wederzijds onbegrip, onbekendheid met een diagnose, eerdere moeilijke situaties en verdere miscommunicatie, dan is er werk aan de winkel. Voor ons als mediator betekent dat allereerst helemaal open een intakegesprek ingaan.
En heel eerlijk, open en nieuwsgierig vragen naar wat voor iemand belangrijk is. En wat iemand nodig heeft om goed diens verhaal te kunnen doen én informatie goed te verwerken.
Simpele doch effectieve interventies voor de mediator:
- stel één vraag per keer
- maak gebruik van visuele ondersteuning (zoals de agenda-punten op de flip-over)
- voldoende pauze-momenten inbouwen.
- Bij samenvatten: maak gebruik van dezelfde woorden/termen die de spreker gebruikte.
Een tip die ik van mijn co-trainer en vriendin Myrthe kreeg: zorg voor voldoende eten. Of nodig iemand uit om zelf eigen snacks mee te nemen. Gesprekken (of trainingen) kosten extra veel energie voor veel neurodivergente mensen, omdat ze ze zich veelal aanpassen aan de neurotypische deelnemer, wiens manier van communiceren nog vaak de norm is.
Overigens is misschien wel de belangrijkste wijsheid voor iedere professional: we zijn allemaal mensen. En dus per definitie verschillend in onze behoeften en communicatievoorkeuren. Dus luister, sluit aan en sluit niet uit.
Wil je meer weten over mediation, en hoe je rekening houdt met verschillende ‘breintypen’ aan tafel? Of zoek je een coach, trainer of mediator met veel ervaring met ADHD, autisme, hoogbegaafdheid en conflict op de werkvloer? Luister onze podcast-aflevering op Spotify of neem contact op met onze collega Tabitha van den Berg (profielpagina) of stuur haar een mail.

