Berichten

Managen van macht aan de mediationtafel

Mediation is een mooi vak. Elke mediation is anders. Elke keer weer andere mensen, andere dynamiek en, ook al is soms de onderliggende conflictstof vrijwel identiek, andere conflictpatronen.. Het is telkens de uitdaging om te zoeken naar wat er nodig is voor deze specifieke partijen om hun confrontatie om te buigen naar een vorm van samenwerking. Maatwerk dus. Een bijzonder aspect in de dynamiek is de macht aan tafel. In sommige mediations vraagt het managen van macht aan tafel bijzondere aandacht van de mediator.

Wat zijn de regels?

De artikelen 4 en 5 van de MfN – Gedragsregels van de Mediator zien toe op de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de mediator. De mediator heeft geen belang bij een van de partijen of bij (de uitkomst van) de mediation, noch heeft hij op enige wijze een voorkeur voor of afkeur van een van de partijen, hoe deze zich ook voordoen. Deelnemers zijn voor de mediators gelijk.

Machtsverschillen ‘buiten’

Buiten de tafel van de mediator is er vaak wel een machtsverschil, dat meegenomen wordt in de mediation zelf. Vier voorbeelden uit de praktijk waarin de factor (vermeende) macht een rol van betekenis kan spelen.

Bij arbeidsmediations is er meestal een hiërarchische verhouding tussen partijen. Die hiërachie zet de gelijkwaardigheid onder druk; de werknemer voelt de macht van zijn werkgever, of de werkgever voelt zich klemgezet door de bescherming die een medewerker van rechtswege geniet.

Een andere vorm van macht bestaat in mediations die voortkomen uit een advies van de rechtbank. De partij die de rechtszaak heeft aangespannen heeft binnen de mediation een machtspositie. Alleen hij/zij kan de rechtszaak intrekken, of kan deze (ook al is de gerechtelijke procedure zelf voor de duur van de mediation opgeschort) als een zwaard van Damocles boven de mediation laten hangen. De gedaagde partij voelt haarfijn aan dat daardoor een afhankelijkheid bestaat – wat de vermeende ‘slechtheid’ van de eiser voor hem of haar nog maar eens onderstreept. De gedaagde kan het gevoel hebben gechanteerd te worden en neemt dit als weerstand mee de mediation in.

Nog een andere machtsmethode is om de mediation te vertragen, zonder daarin zo ver te gaan dat de mediator de gewenste voortvarendheid in gevaar ziet komen. De Amerikanen hebben hier het mooie werkwoord “to slow-walk” voor. Externe oorzaken worden aangegrepen voor het niet snel kunnen werken – een overlijden in de familie, ziekte, belangrijke verplichtingen, men is vaak vindingrijk. De andere partij wil voortgang, krijgt die niet en moet knarsetandend wachten. In het ergste geval verwijt hij de mediator dat deze niet “optreedt” en nalaat de andere partij tot snelheid te verplichten.

Het is voor een mediator ook oppassen geblazen als partijen zich helemaal naar de mediator voegen; dan is het vaak zo dat partijen hun eigen verantwoordelijkheid niet willen of durven nemen, de mediator als de grijze wijze man/vrouw zien en diens raad en advies van willen opvolgen. Zij leggen in feite de macht bij de mediator neer – maar die moet daar verre van blijven.

Hoe kijk ik naar macht in mediation?

Er is mijns inziens niet één standaard wijze om de verschillende machtsstructuren aan de mediationtafel te ontzenuwen, het blijft in alle gevallen maatwerk. De algemene benadering is echter wel telkens weer: partijen hebben gezamenlijk aan de mediator de opdracht gegeven hen te helpen er samen uit te komen (ook in arbeidsmediations, ook al betaalt de werkgever vrijwel altijd de hele rekening). De vraag dus uiteindelijk telkens weer terugleggen bij de deelnemers: wat kun jij zelf doen om een oplossing te vinden? Partijautonomie en eigen verantwoordelijkheid stimuleren is een kerntaak van de mediator, in geen geval kan hij (of zij) als redder optreden van de “on-machtige” partij. Dat is soms heel zorgvuldig de kunst beheersen om te balanceren; steeds net genoeg steun geven of de juiste interventie plegen die zorgt dat mensen zelf een basis vinden om samen te werken, richting een scenario waar ze zich beiden in kunnen vinden. Van winnen en verliezen naar een werkbare gezamenlijke oplossing. En elke keer dat dit de deelnemers weer lukt – zeker als de weg niet vrij was van obstakels rondom macht en onmacht – maakt dat ons werk erg dankbaar.

Zoals ik deze blog al startte; we hebben als mediators een mooi en vooral boeiend beroep!

Een beetje beroemd

Sterallures. Jawel…. Afgelopen week werd ik twee keer geïnterviewd over het mediatorschap! Een keer voor een lokaal Amsterdams maandblad, en eenmaal door de kinderredactie (10- en 11-jarigen) van een schoolkrant.

Ik zeg graag  ja op dat soort interviews. Wij zijn allemaal actief als ambassadeur voor (méér) mediation voor de Nederlandse Mediatorsvereniging (NMv). Dus elke kans om meer mensen te informeren over de optie om bij conflict eerst de stap naar de mediator te zetten als het samen (nog) niet gelukt is, grijpen wij met beide handen aan.

Misverstanden
Er zijn nogal wat misverstanden over mediation. Eline van Tijn en ik maakten daar vorig jaar al eens een vlogserie over “Misverstanden Over Mediation”.

Ook over de persoon van de mediator bestaan misverstanden. Zelf werd ik aan de tand gevoeld door de kinderredactie afgelopen woensdag. “Maakt u zelf geen ruzie meer sinds u mediator bent.” En “hoe leert u uw (3) kinderen om geen ruzie te maken thuis?”

Helaas. Het antwoord is weinig hoopgevend. Mijn kinderen maken gemiddeld net zo veel ruzie als de broertjes en zusjes in elk ander Nederlands gezin, en ook ik vlieg echt wel eens uit de bocht in mijn rol als gewoon ‘mens’. Met een cursus mediation word je niet plots een ander mens! Wel een meer bewust handelende professional. Een andere goede vraag van de kinderen was:

“helpt u ook wel eens uw vrienden als die ruzie hebben?”

Onpartijdig en neutraal: beeldvorming
Ook daarop is het antwoord nee, niet professioneel. Natuurlijk bied ik een luisterend oor aan vrienden met een probleem! Maar ik kan en wil niet ingehuurd worden als mediator in een conflict waar ik mensen al privé ken. Dan gaan er immers eigen belangen meespelen. Ik zou (onbewust) misschien wel meer gaan duwen voor een positief resultaat, want hoe zou mijn eerdere vriendschap beïnvloedt worden als deze mediation niet slaagt? Of juist extra veel tijd en aandacht besteden aan de persoon die ik niet ken, zodat hij of zij niet denkt dat ik partijdig ben omdat ik met de andere persoon al een band heb?

Een goed begin is het halve werk
Een goede eerste indruk en vertrouwen kunnen wekken is ontzettend belangrijk voor een mediator. Een conflict brengt mensen uit balans. Als een van beide partijen twijfels heeft en denkt dat je uit de rol van neutrale begeleider bent gestapt, ben je de regie kwijt. Dan raakt ook de mediation uit evenwicht. Daarom vraag ik altijd aan het einde van de eerste kennismaking of de partij in kwestie het vertrouwen heeft dat ik de juiste persoon ben om de mediation mee aan te vangen. Niet omdat ik twijfel aan mijn professionele kunnen, maar omdat een goede klik en vertrouwen van partijen in de mediator de kans op een succesvolle mediation doet groeien.

En dat is uiteindelijk waar wij het voor doen: mensen helpen met het vinden van passende oplossingen die een duurzaam einde maken aan hun conflict. En dat is niet heel makkelijk werk, vertelde ik de leerlingen, maar als het lukt geeft dat een heel fijn gevoel om te weten dat je daar een beetje bij geholpen hebt.

Meer weten over mediation en onze visie op samenwerken? Bekijk eens onze animatie over het mediationproces of neem een kijkje bij onze andere blogs en vlogs